Biodiversiteit staat onder zware druk

24 februari 2018
De verschillende soorten die op aarde zijn houden de natuur in balans. Samen vormen ze een levende en productieve natuur. Dit noemen we biodiversiteit. Biodiversiteit staat op allerwegen onder zware druk. “Ik word er tenminste niet vrolijk van” schrijft Guus Beugelink. Grootschalige landbouw, gebruik van bestrijdingsmiddelen, depositie van stikstof vanuit landbouw, verkeer en industrie, overproductie van … Lees "Biodiversiteit staat onder zware druk" verder

De verschillende soorten die op aarde zijn houden de natuur in balans. Samen vormen ze een levende en productieve natuur. Dit noemen we biodiversiteit. Biodiversiteit staat op allerwegen onder zware druk.

“Ik word er tenminste niet vrolijk van” schrijft Guus Beugelink. Grootschalige landbouw, gebruik van bestrijdingsmiddelen, depositie van stikstof vanuit landbouw, verkeer en industrie, overproductie van mest, mestfraude, schaalvergroting, landschapspijn, weidevogels, insecten zijn zo wat termen die mij spontaan te binnen schieten. Hoe staat het daarmee in de Stichtse Rijnlanden? Zijn wij qua biodiversiteit een oase in een dorre woestijn? Of juist het tegendeel? En wat kunnen we daar als waterschap aan doen? Kunnen we er ĂŒberhaupt wel wat aan doen? Bijgaand een uiteenzetting van een tunnel waarin wellicht licht gloort. Of is het toch die aanstormende trein?

Weidevogels en tijdelijke natuur
Op verzoek van het Algemeen Bestuur heb ik in het najaar van 2017 met agrarische collectieven en natuurverenigingen (ANV’s) en met terreinbeheerders (TBO’s) gesproken over:

  • welke mogelijkheden ziet men om het reguliere beheer wat HDSR voert (sloten schonen, baggeren etc.) te aan te passen aan wensen/eisen van weidevogels?
  • welke mogelijkheden ziet men om eigendommen i.c. grond van HDSR in te zetten voor weidevogels en/of tijdelijke natuur?

Binnen het kader van agrarisch natuurbeheer en zgn. blauwe diensten heeft HDSR een aantal beheerpakketten ontwikkeld waar agrariërs op kunnen intekenen. Zie bijvoorbeeld.  De vraag ontstaat of er er aanvullingen en/of wijzigingen van deze pakketten wenselijk is?

Verhogen slootpeil
De simpelste maatregel voor een waterschap ter bevordering van de weidevogelstand is natuurlijk het verhogen van het slootpeil van ca MV-50 Ă  60cm tot de zogenoemde plas-dras situatie (waterpeil MV-10cm) in combinatie met aangepast maaibeheer, het zg mozaĂŻekbeheer (af en toe een stuk gras laten staan). Dat is makkelijker gezegd dan gedaan! Het verhogen van het peil kan niet zomaar, omdat daarmee het agrarisch belang wordt geschaad.

Immers, dergelijke natte gronden zijn niet of nauwelijks te bewerken en ze leveren geen agrarische productie. En omdat het waterbeheer dienend is aan de (agrarische) functie is het waterschap gehouden een drooglegging van tenminste 50cm in het veengebied te bewerkstelligen.

Op het moment dat de provincie een gebied een weidevogelstatus heeft toegekend, zijn er meer mogelijkheden, mits de boeren in dat gebied bereid zijn aangepast (op weidevogels afgestemd) maaibeheer te voeren. Hun gronden leveren daardoor minder gras op. Via een overeenkomst met de provincie worden ze daarvoor gecompenseerd. Alleen in die gevallen kan het waterschap overgaan tot het instellen van een hoger peil.

Grondaankopen om elders te compenseren
Het waterschap heeft (beperkt) grond in bezit. Deels is dat grond waarop bijv. een van onze 17 rioolwaterzuiveringsinstallaties (RWZI’s) staat; die grond is blijvend in eigendom. Daarnaast heeft het waterschap grond in bezit (en kopen we gronden aan) om ons werk naar behoren te kunnen uitvoeren. Denk bijv. aan de versterking van de Lekdijk. Die grond zetten we dan bijvoorbeeld in om boeren die ‘in de weg zitten’ elders te kunnen compenseren zonder gelijk tot onteigening over te hoeven gaan.Die gronden hebben we tijdelijk in bezit.

Een deel wordt ingezet om de boer te compenseren en wat er overschiet wordt weer op de markt gebracht en verkocht. In de periode dat de grond in eigendom is bij het waterschap wordt het verpacht, maar je zou het natuurlijk ook kunnen inzetten voor de ontwikkeling van tijdelijke natuur.

Tijdelijke Natuur is natuur die spontaan ontstaat als wordt afgezien van natuurwerend beheer. Bij tijdelijke Natuur heeft de grondeigenaar vooraf juridische toestemming geregeld om deze natuur op een later tijdstip te mogen verwijderen. Tijdelijke Natuur is goed voor mens, bedrijf én natuur!

Conclusies en aanbevelingen
Hoewel het onderzoek van beperkte omvang was, zijn de resultaten van dien aard dat onderstaande conclusies verantwoord zijn:

Keuze maai- en peilbeheer
De mogelijkheden voor het waterschap om binnen de reguliere kaders van het waterbeheer de weidevogelstand te bevorderen, zijn beperkt maar ze zijn er wel degelijk. Het vraagt in elk geval om het maken van weloverwogen keuzes t.a.v. het maai- en peilbeheer.
Het plas-dras zetten van en perceel is een doeltreffende maatregel voor weidevogels, maar kan door de uitspoeling van nutriënten nadelige gevolgen hebben voor de waterkwaliteit. Nutriënten zoals stikstof (N) en fosfor (P) zijn voedingsstoffen voor planten. Bij overmatige aanwezigheid in het oppervlaktewater veroorzaken zij algenbloei.

De mogelijkheden voor tijdelijke natuur op (tijdelijke) eigendommen van het waterschap zijn gering. De beperkte tijd dat het waterschap de grond in eigendom heeft en de bemestingstoestand zijn belangrijk beperkende factoren voor de productie van natuur met enige kwaliteit.

Tussen de oogharen doorkijkend is een aantal aanbevelingen geformuleerd waarmee het waterschap in de dagelijkse praktijk van het waterbeheer zijn voordeel kan doen.

Doe niet van alles een beetje ‘omdat het vast wel ergens goed voor is’, maar kies voor bijv. wel hooilandbeheer en geen of kort gehouden natuurvriendelijke oevers. Natuurvriendelijke oevers met hoog opgaande begroeiing zijn dan wel goed voor de ecologie van het water, maar niet voor de weidevogelstand. Probeer waar mogelijk en zinvol maatwerk te leveren.

In dit kader past ook een positieve grondhouding t.a.v. een vergunningsaanvraag voor het instellen van een tijdelijk hoger peil of het realiseren van een plas-dras situatie. In zijn algemeenheid geldt:

A ) Laat de ecologie (flora en fauna) een grotere rol spelen binnen beleids- en beheersbeslissingen van het waterschap.

B) Benut in een vroeg stadium van planvorming d.w.z. aan de voorkant van een project de expertise en het netwerk van de agrarische collectieven, natuurverenigingen etc. Men is zeer bereid om mee te denken, (onvermoede) oplossingen aan te reiken en achterbannen te mobiliseren. In veel gevallen is er sprake van een gedeeld belang en kan de oplossing voor beide partijen profijtelijk zijn. En dat geldt zeker niet alleen voor het weidevogelbeheer.

C) Laat bij het zoeken naar een geschikte locatie voor een (tijdelijk) baggerdepot -naast nabijheid t.o.v. de baggerlocatie, bereidheid van de grondeigenaar tot het vestigen van een baggerdepot- ook de ecologische waarde (flora Ă©n fauna) van het beoogde perceel een zwaarwegende rol spelen.

In zijn algemeenheid geldt: intensiveer de samenwerking tussen waterschap en de agrarische collectieven. Komende tijd wordt onderzocht wat hiervan uitvoerbaar is. Het Algemeen Bestuur zal daar een besluit over nemen.

Insecten
Een paar maanden geleden werden we opgeschrikt door de resultaten van Duits onderzoek waaruit bleek, dat 75% van de insecten is verdwenen. De oorzaken daarvan staan nog niet helemaal vast, maar de kans dat bestrijdingsmiddelen, die in de landbouw veelvuldig worden gebruikt, daar een belangrijke rol in spelen, is groot.

De vraag die zich vervolgens opwerpt is: geldt dat ook in Nederland? En als waterschapper vraag ik me dan af: geldt dat ook voor de ‘zwemmende insecten’? Immers, ik meet tientallen soorten bestrijdingsmiddelen in het oppervlaktewater. En als waterkwaliteitsbeheerder heb je een bijzondere verantwoordelijkheid voor alles wat leeft in het slootwater. Wat betekent dat voor de ecologie van het oppervlaktewater? Tenslotte vormen de macrofauna (jargon voor ‘de zwemmende insecten’) een maatlat voor de ecologische waterkwaliteit volgens de Kader Richtlijn Water.

Concreet:
Klopt die maatlat nog wel? En meten we wel de goede dingen? Het Algemeen Bestuur van HDSR heeft ook daar vragen over gesteld. Verder wil het Algemeen Bestuur een beeld van de biodiversiteit in het beheergebied van HDSR. Gaat het goed of juist niet? En wat kunnen wij daaraan doen? Alles bij elkaar opgeteld is er dus voldoende aanleiding om samen met de provincie Utrecht onderzoek te doen naar de staat van de biodiversiteit in het beheergebied van HDSR. En vervolgens te kijken wat je daar als waterschap aan kunt doen!Ik hoop van harte dat we dit onderzoek kunnen optuigen! Immers, het raakt aan de kernwaarden waar Water Natuurlijk voor staat: ecologie in balans met economie, schoon en gezond water voor mens, plant en dier.

Guus Beugelink

Breekt eindelijk het emissieloze tijdperk voor bootjes aan?

5 februari 2018
Einde van het tijdperk vieze bootjes: dĂĄĂĄr zet Water Natuurlijk zich voor in. Om te beginnen op wateren met een natuurfunctie, zoals de Kromme Rijn. Dat blijkt alleen niet eenvoudig. De eerste stappen zijn gezet Het waterschap heeft weinig mogelijkheden om vergunningen te weigeren. Per geval moet dan worden aangetoond dat de waterkwaliteit, waterecologie, beschoeiing … Lees "Breekt eindelijk het emissieloze tijdperk voor bootjes aan?" verder

Einde van het tijdperk vieze bootjes: dĂĄĂĄr zet Water Natuurlijk zich voor in. Om te beginnen op wateren met een natuurfunctie, zoals de Kromme Rijn. Dat blijkt alleen niet eenvoudig.

De eerste stappen zijn gezet
Het waterschap heeft weinig mogelijkheden om vergunningen te weigeren. Per geval moet dan worden aangetoond dat de waterkwaliteit, waterecologie, beschoeiing en/of het waterbeheer schade ondervindt. Maar zo eenduidig ligt dat niet.

De gemeente kan via een verordening meer regelen. Daarom hebben Water Natuurlijk en diverse andere partijen er in het bestuur op aangedrongen samenwerking te zoeken met Utrecht en Bunnik, met als doel: een verbod op vieze bootjes op de Kromme Rijn. Vervolgens bleef het lange tijd stil.

Nu kunnen we gelukkig melden dat ook Utrecht die kant op wil en de eerste stappen heeft gezet. Bunnik haakt aan.

Niet van de ene op andere dag
Het weren van vieze bootjes kan echter niet van de ene op de andere dag. De gemeente Utrecht is begonnen met het reduceren van de havengelden voor emissiearme boten. Ook worden nieuwe vergunningen voor rondvaartboten alleen verleend voor emissieloos varen. Een algemeen verbod op varen met brandstofmotor is op doorgaande routes niet haalbaar. De Kromme Rijn is echter geen doorgaande route (tot Werkhoven bevaarbaar). Daar liggen dus kansen om (op termijn) regels te stellen, met een overgangsregeling voor bestaande verbrandingsmotoren. Het waterschap en de gemeente gaan hier samen aan werken en Bunnik wil daarbij aansluiten.

De Omgevingwet biedt veel aanknopingspunten vanuit het gebied
De nieuwe Omgevingswet biedt goede aanknopingspunten om deze ambities in de omgevingsvisies en omgevingsplannen een pek te geven. Water Natuurlijk gaat daar zeker op letten; ook of de andere vormen van overlast (verstoring, onveilige situaties, vernieling ed) voor de natuur en voor andere gebruikers afdoende worden aangepakt. Want ook de snel toenemende drukte op het water is een punt van zorg. Het moet wel genieten blijven.

Harmke van Dam

Peilbesluiten, waterpeilen en dilemma’s

9 november 2017
Waarom is er een diversiteit aan peilbesluiten? Het Hoogheemraadschap van de Stichtse Rijnlanden beheert heel veel polders en laaggelegen gebieden. Waarin veel sloten liggen. Voor al deze gebieden worden eens per tien jaar de waterpeilbesluiten vernieuwd. Het waterschap is volgens artikel 5.2 van de Waterwet verplicht voor zijn beheersgebied peilbesluiten op te stellen. Op 4 … Lees "Peilbesluiten, waterpeilen en dilemma’s" verder

Waarom is er een diversiteit aan peilbesluiten?
Het Hoogheemraadschap van de Stichtse Rijnlanden beheert heel veel polders en laaggelegen gebieden. Waarin veel sloten liggen. Voor al deze gebieden worden eens per tien jaar de waterpeilbesluiten vernieuwd. Het waterschap is volgens artikel 5.2 van de Waterwet verplicht voor zijn beheersgebied peilbesluiten op te stellen.

Op 4 oktober 2017 is tijdens de vergadering van het Algemeen Bestuur is een besluit genomen over verschillende peilbesluiten: Bodegraven, Rietveld, en het gebied Vleuten, de Meern en Vleuterweide.

Waarom is een besluit nemen over peilbesluiten best ingewikkeld?
Een peilbesluit bestaat uit een overzicht met in te stellen waterpeilen en de bandbreedte waarbinnen die kunnen variëren. Dat is best ingewikkeld want het vraagt om veel meetwerk en afstemming met belanghebbenden.  Regelmatig wordt in een bestuursvergadering een peilbesluit opnieuw vastgesteld. Vaak wordt daarbij tijdens de commissievergadering ingesproken door belanghebbenden op basis van het indienen van zienswijzen.

Met alle drie peilgebieden die zijn behandeld tijdens de vergadering op 4 oktober 2017 is iets bijzonders aan de hand.

Bodegraven en Rietveld  liggen namelijk in het veenweidegebied en het peilgebied van Vleuten, de Meern en Vleuterweide was eerst landelijk gebied en is steeds meer stedelijk gebied geworden.

Peilgebied omgeving Bodegraven en Rietveld
Over het peilbesluit voor de omgeving Bodegraven zijn Waterschap, Natuurmonumenten, boeren en bewoners het al jaren oneens over het te voeren beleid. Het is ingewikkeld om alle gebruiksfuncties in het gebied tegemoet te komen. Het gebied wordt doorkruist door het Nederlands Natuur Netwerk (de opvolger van de Ecologische Hoofdstructuur). De ontwikkeling van het gebied wordt door de eerdergenoemde impasse effectief tegengehouden.

Voor het gebied in Bodegraven is het hard nodig om toch te kunnen starten met de nodige werkzaamheden, zoals het weghalen van oude bruggetjes die de doorstroming belemmeren en inrichten van natuurgebieden op terrein van Natuurmonumenten. Daarom  is naast het peilbesluit ook een raamwaterplan vastgesteld dat op hoofdlijnen budget beschikbaar stelt voor het starten met werkzaamheden. Water Natuurlijk steunt dit van harte omdat het een opsteker is voor het gebied en voor de natuurontwikkeling.

In volgende fase van de werkzaamheden, letten we op zaken zoals het laten meewegen van recreatieve belangen. Dat komt omdat veel wandelaars, hengelaars en andere recreanten dankbaar gebruik maken van deze klassieke unieke oude poldergebieden.

Peilgebied Vleuten, de Meern en Vleuterweide
Het peilgebied van Vleuten, de Meern en Vleuterweide is uniek omdat het om stedelijk gebied gaat. Een groot deel van het gebied is de laatste tien jaar bebouwd geraakt en het watersysteem dat erbij hoort is tegelijkertijd tot wasdom gekomen. Het systeem kenmerkt zich doordat er vrij veel peilvakken zijn. Daar is Water natuurlijk in principe tegen.

Veel peilvakken maken een watersysteem duur en betekent beperkingen voor onderwater leven. Vissen, waterbeestjes en planten worden opgehokt in kleine bakjes water.  Het hoeft geen uitleg dat veel soorten daar niet tegen kunnen. Daarom zijn we blij dat er een aantal peilvakken zijn samengevoegd. Daarnaast blijkt dat het watersysteem robuust is. Het is voorbereid op de toekomst en optimaal dienstbaar gemaakt aan de samenleving.

Een Robuust Watersysteem is dienstbaar aan de verschillende functies in de regio, zodat deze functies zich optimaal kunnen ontwikkelen. Op deze wijze levert een robuust watersysteem een actieve bijdrage aan de vitaliteit van de regio. De portefeuillehouder, de heer Janssen op de Haar heeft aangegeven dat in het gebied al vrij extreme buien zijn gevallen waarbij het systeem prima gefunctioneerd heeft.

Het klimaat verandert, wat te doen?

6 november 2017
Het klimaat verandert, wat te doen? ‘de comĂ©back van de stoeprand’? Het klimaat verandert: hogere temperaturen, een sneller stijgende zeespiegel, nattere winters, heftiger buien en kans op drogere zomers. Daar moeten we volgens het KNMI in de toekomst in Nederland rekening mee houden. De verwachting is dat het klimaat in Nederland in 2050 ongeveer overeen … Lees "Het klimaat verandert, wat te doen?" verder

Het klimaat verandert, wat te doen?
‘de comĂ©back van de stoeprand’?

Het klimaat verandert: hogere temperaturen, een sneller stijgende zeespiegel, nattere winters, heftiger buien en kans op drogere zomers. Daar moeten we volgens het KNMI in de toekomst in Nederland rekening mee houden. De verwachting is dat het klimaat in Nederland in 2050 ongeveer overeen zal komen met het huidige klimaat in Zuid-Frankrijk of Noord-Italië. Ook nu al is de klimaatverandering merkbaar. 2014 was in Nederland het warmste jaar sinds het begin van de metingen. Op 28 juli 2014 van dat jaar werden Maarssenbroek, Kockengen en Utrecht getroffen door de zwaarste neerslag die ooit in een etmaal in de regio Utrecht gemeten is. In 2016 zijn ook stevige buien gevallen in het Oude Rijn gebied en zijn records gevestigd met de warmste dagen in september.

Deltaprogramma Ruimtelijke adaptatie
Het watersysteem kan alleen tegen zeer hoge kosten en met een groot beslag op de schaarse ruimte klimaatbestendig worden gemaakt. Dat is verre van kostenefficiĂ«nt; er zijn bijvoorbeeld grote gemalen nodig die slechts af en toe aan staan. Daarom moet steden meer ‘waterrobuust’ en hittebestendig worden. In landelijk gebied moeten meer retentiegebieden voor regenwater komen en het is ook een optie om grond ‘uit te ruilen’ tussen land- en tuinbouwgebied en minder kwetsbare natuur. Dat is zo’n beetje de strekking van het Deltaplan Ruimtelijke adaptatie. Dat is erop gericht om de ruimtelijke inrichting van de bebouwde omgeving aan te passen aan de gevolgen van het veranderende klimaat: overstromingen, wateroverlast, extreme droogte en hitte. Deze opgaven moeten lokaal worden opgepakt:

1) De bebouwde omgeving is ook in 2050 nog aantrekkelijk om te leven, omdat de bebouwde omgeving bestand is tegen wateroverlast door heviger neerslag, tegen langduriger droogte en tegen hogere temperaturen.

2) Uiterlijk in 2020 worden alle ruimtelijke ingrepen integraal getoetst op hun klimaatbestendigheid.

3) De periode tot 2020 wordt benut om voldoende kennis en een aanpak te ontwikkelen om de eerste twee doelstellingen concreet te kunnen invullen.

Klimaatadaptatie is niet altijd een kwestie van meer geld, maar vooral van geld op een andere manier besteden. Onder meer door plannen voor klimaatadaptatie te combineren met andere ruimtelijke- en onderhoudsplannen.

Klimaatcheck
Het Deltaplan Ruimtelijke adaptatie 2018 dat op Prinsjesdag aan de Eerste en Tweede Kamer werd gepresenteerd, is nadrukkelijk een opgave in zowel het stedelijk als het landelijk gebied. Hoeveel werk er precies aan de winkel is, moet blijken uit de klimaatcheck die alle gemeenten nu uiterlijk in 2019 moeten hebben uitgevoerd. De uitvoeringsagenda die aan de hand van die stresstest wordt opgesteld, is tegelijkertijd een vingerwijzing voor hoe we in omgevingsvisies de ruimtelijke inrichting naar de toekomst toe zullen moeten vormgeven, willen we de gebouwde omgeving minder kwetsbaar maken voor de gevolgen van de klimaatverandering.

Lokaal en regionaal maatwerk
Klimaatadaptatie is vooral een kwestie van samenwerken. De toenemende wateroverlast, hittestress en droogte zullen vooral lokaal en regionaal worden ervaren. Voor ruimtelijke adaptatie ligt het accent daarom sterk op inspanningen en inzet van alle gemeenten, waterschappen en provincies. Het gaat vooral om maatwerk. Dat vraagt om formulering van beleid en maatregelen op lokaal en regionaal niveau, met een koppeling met andere ruimtelijke opgaven zoals woningbouw en energietransitie. ‘Mooie voorbeelden’ van dergelijke lokale en regionale samenwerkingsverbanden zijn ‘Uitnodiging Zuid-Nederland’, ‘Kop van de Betuwe’, ‘Rijk van Nijmegen’, ‘Noordelijke Vechtstromen’, de ‘Living Labs’ in Dordrecht en Overijssel, en het programma ‘Klimaatadaptatie Zeeland’.

In het gebied van De Stichtse Rijnlanden gaat het om 8 Utrechtse overheden (de gemeenten Utrecht, Nieuwegein, Woerden, Stichtse Vecht, Houten en Bunnik,  (de provincie Utrecht en het waterschap) en de Veiligheidsregio Utrecht, die de intentie hebben uitgesproken om samen te werken aan oplossingen voor de gevolgen van de klimaatverandering. De partijen werken samen zodat de bebouwde omgeving ook in 2050 nog aantrekkelijk is om te leven. Om deze doelen te realiseren, hebben de partijen zich verenigd in een Coalitie Ruimtelijke Adaptatie Regio Utrecht. De gemeenten, provincies en waterschappen spraken met de Deltacommissaris af dat zij er zorg voor dragen dat de bedoelde samenwerking uiterlijk 1 januari 2018 landsdekkend is gerealiseerd.

Mee koppelen met andere plannen
In oude binnensteden, zoals Utrecht en Amsterdam zie je veel verstening. Daar zullen bewoners meer last krijgen van hittestress. Tenzij je als stad bijvoorbeeld, als je toch al gaat herstructureren, meer met water en groen gaat werken. Iedere gemeente is weer anders. Daarom is het ook goed dat er per gebied gekeken wordt hoe het ervoor staat en welke aanpak er qua klimaatadaptatie nodig is en dat ook mee koppelt met andere stedenbouwkundige plannen. Dan vergt klimaatadaptatie vaak ook niet veel extra investeringen. Het is belangrijk dat klimaatadaptatie ‘tussen de oren komt’ van gebiedsontwikkelaars, planologen en stedebouwkundigen. Immers, klimaatadaptatie moet je in een vroeg stadium meenemen met andere plannen voor herstructurering of onderhoud, anders ben je te laat. Dat vergt een nieuwe manier van werken. Zo’n kanteling is altijd lastig. Dat gaat niet van vandaag op morgen.

Comeback van de stoeprand en watervriendelijke tuinen
Volgens Deltacommissaris Wim Kuijken is er voor de komende vijf jaar extra geld nodig als financiĂ«le ondersteuning voor provincies, waterschappen en gemeenten voor het versneld nemen van klimaatmaatregelen tegen wateroverlast, droogte, hittestress en overstroming. In steden moet je denken aan maatregelen als het ‘dimensioneren’ van rioleringsstelsels, zodat die wel bestand zijn tegen zware regenbuien, het bufferen van regenwater met groen op daken, gedraineerde tuinen, het verdiept aanleggen van waterpleinen, zoals Rotterdam al doet, en waterdoorlatende parkeerplaatsen. En wellicht ook de ‘comeback van de stoeprand’. Want daarmee voorkom je dat zoals nu in straten zonder stoepranden bij een flinke regenbui het water zo de huizen en winkels in loopt. Iedereen kan meehelpen om vaker voorkomende plotselinge wateroverlast op te vangen. Zo zijn er allerlei tips en trucs om de tuin watervriendelijk(er) te maken. Het waterschap werkt samen met gemeenten en verschillende tuincentra om deze tips onder de aandacht te brengen. Wij zien juist kansen: Als we aan de slag gaan met onze leefomgeving, laten we deze dan meteen verbeteren, het stedelijk gebied minder kwetsbaar maken voor de toekomst zodat de economie en de mensen er beter van worden. Zie voor meer informatie het Kennisportaal Ruimtelijke Adaptatie en www.climateapp.nl.

Guus Beugelink

Algemene beschouwing 2017: over grenzen en piketpaaltjes

2 juli 2017
Op 28 juni 2017 stonden de Algemene beschouwing en de voorjaarsnota op de agenda van het Algemeen Bestuur in Hoogheemraadschap de Stichtse Rijnlanden. Tijdens deze vergadering werd verantwoording afgelegd over het afgelopen jaar en werden de lijnen voor 2018 uiteengezet. Onze fractievoorzitter, Els Otterman sprak namens de fractie van Water Natuurlijk over grenzen en piketpaaltjes. … Lees "Algemene beschouwing 2017: over grenzen en piketpaaltjes" verder

Op 28 juni 2017 stonden de Algemene beschouwing en de voorjaarsnota op de agenda van het Algemeen Bestuur in Hoogheemraadschap de Stichtse Rijnlanden. Tijdens deze vergadering werd verantwoording afgelegd over het afgelopen jaar en werden de lijnen voor 2018 uiteengezet. Onze fractievoorzitter, Els Otterman sprak namens de fractie van Water Natuurlijk over grenzen en piketpaaltjes. De kernwaarden van Water Natuurlijk, wat gaat goed en onze ambities.

De tekst begon met: Voorzitter,
In Engeland bestond de gewoonte dat landeigenaren met hun erfgenamen op Hemelvaart langs de grenzen van de landerijen liepen. ‘Beating the Bounds’ wordt het genoemd. De jonge erfgenamen kregen op elke hoek van het land een stevig pak slaag opdat ze zich die plekken goed konden herinneren en de grenzen van hun land goed leerden kennen.
Voorzitter, wat ons betreft wordt er vandaag niet geslagen. Maar ook bij ons waterschap is het van belang de eigen grenzen te kennen.

Klik hier voor de korte downloadversie. KLik hier voor de volledige tekst uitgesproken tijdens de AB-vergadering. 

Inundatiegebied Blokhoven combinatie waterbeheer en geschiedenis.

12 juni 2017
Op 23 mei 2017 is het bijzondere inundatiegebied Blokhoven in gebruik genomen. De openingshandeling werd gedaan door de Water Natuurlijk Hoogheemraad Guus Beugelink en Herman Geerdes, wethouder in de gemeente Houten. Tijdens de openingsspeech werd er benadrukt dat er met samenwerking meer kan worden bereikt dan dat partijen afzonderlijk zouden kunnen bereiken. In het gebied … Lees "Inundatiegebied Blokhoven combinatie waterbeheer en geschiedenis." verder

Op 23 mei 2017 is het bijzondere inundatiegebied Blokhoven in gebruik genomen. De openingshandeling werd gedaan door de Water Natuurlijk Hoogheemraad Guus Beugelink en Herman Geerdes, wethouder in de gemeente Houten.

Tijdens de openingsspeech werd er benadrukt dat er met samenwerking meer kan worden bereikt dan dat partijen afzonderlijk zouden kunnen bereiken. In het gebied komt de Nieuwe Hollandse Waterlinie weer tot leven en het gebied heeft een waterbergingsfunctie.

Er is een waterplas gegraven en het maaiveld is afgegraven. Er is een grote stuw met vispassage geplaatst om, samen met het gemaal, het waterpeil in dit gebied 0,5 meter te kunnen verlagen. Door deze verlaging past er veel meer water in.

De aanleg van het inundatiegebied is positief voor de natuur. Langs de randen van de waterplas zijn ondiepe zones ingericht voor onderwaterplanten. Voor vissen biedt de plas een overwinteringsplaats en een paaiplaats. Een prachtig voorbeeld van het combineren van waterbeheer en geschiedenis. Een mooi project waar we bijzonder trots op zijn.

In de polder Blokhoven komt bij hevige regenval af en toe wateroverlast voor. Door het veranderende klimaat, waardoor vaker hevige regenbuien voorkomen, wordt de wateroverlast groter. Het waterschap zocht in de polder Blokhoven een gebied waar tijdelijk een grote hoeveelheid water (23.000 m3) opgevangen kan worden. Dit is de inhoud van ca 10 Olympische zwembaden!

Het teveel aan water kan nu worden geborgen in het bergingsgebied waardoor er minder wateroverlast in polder Blokhoven en in Schalkwijk zal zijn. De aanleg van het inundatiegebied is positief voor de natuur. Langs de randen van de waterplas zijn ondiepe zones ingericht voor onderwaterplanten. Vissen kunnen de diepe plas gebruiken als overwinteringsplaats en de onderwatervegetatie aan de rand van de plas als paaiplaats. Door de stuw vispasseerbaar te maken vormt de stuw geen knelpunt voor migratie van de plas naar de polder.

De gemeente Houten en het waterschap en de Nieuwe Hollandse Waterlinie hebben de handen ineen geslagen. Er is een project gerealiseerd waar waterberging Ă©n de historie van de Nieuwe Hollandse Waterlinie hand in hand gaan. Er is in de plas een prachtig kunstwerk “Het geheim van Man en Paard geplaatst! De makers zijn Willy Kruijssen en Christel van Vliet.

Veenweide “Elke centimeter telt”

Vertragen bodemdaling Veenweide Tijdens de AB vergadering op 17 mei 2017 is het dossier vertragen bodemdaling Veenweide besproken. Met de Positionpaper Veenweide wil het waterschap HDSR andere overheden, samenwerkingsorganisaties en vertegenwoordigers van de agrarische sector prikkelen en enthousiast maken om samen te gaan handelen om bodemdaling te vertragen. De positionpaper is een startnotitie. Het vormt … Lees "Veenweide “Elke centimeter telt”" verder

Vertragen bodemdaling Veenweide
Tijdens de AB vergadering op 17 mei 2017 is het dossier vertragen bodemdaling Veenweide besproken. Met de Positionpaper Veenweide wil het waterschap HDSR andere overheden, samenwerkingsorganisaties en vertegenwoordigers van de agrarische sector prikkelen en enthousiast maken om samen te gaan handelen om bodemdaling te vertragen. De positionpaper is een startnotitie. Het vormt de basis voor financiële regelingen en is de opmaat naar beleidsformulering o.a. voor de herziening van de nota peilbeheer en de keur.

Waarom zijn er zorgen over het Veenweidegebied. Guus Beugelink zet de drie feiten op een rij(tje). Vertelt over de extra onderhoudskosten, over de invloed van het veenweide op heipalen en wat we eraan kunnen doen. Maar ook over het behoud van het unieke veenweidelandschap.

Het veenweidegebied in West Nederland  maar ook in Friesland is opgebouwd uit lagen organisch materiaal, die zijn afkomstig van planten die onder water zijn geconserveerd;

Situatie veendikte in 2010 in Hoogheemraadschap de Stichtse Rijnlanden

Veenweide ontwateren (Feit 1)
Ten behoeve van de landbouw en de bewoning is het veen vanaf de 11e eeuw ontwaterd, eerst door middel van kleine greppeltjes, later met behulp van primitieve molens en tegenwoordig met grote moderne gemalen. Daardoor lukt het steeds beter de waterhuishouding te regelen. 730 jaar geleden stonden grote delen van Friesland onder water omdat men niet de middelen had om het water weg te pompen.

Het Oxideren van veen (Feit 2)
Door die ontwatering is het veen droger geworden. Als organisch materiaal in contact komt met zuurstof, gaat het oxideren (‘verbranden’). Daardoor neemt het in volume af en daalt de bodem.

Het veen druk in elkaar (feit 3)
Een andere oorzaak van bodemdaling is zetting. Door het gewicht van het veen wordt het in elkaar gedrukt. En nog weer een andere oorzaak is de belasting van de bodem door wegen, woningen etc.

Deze 3 oorzaken zorgen er samen voor dat een veenbodem tussen de 1 en soms wel 3 cm per jaar daalt. Dit is sterk afhankelijk van het soort veen en of er bijvoorbeeld kleilagen in het veen aanwezig zijn.

Verwachte bodemdaling Veenweide HDSR in 2065 (2010-2065)

Waarom is er een probleem?
Door de natte omstandigheden is veen eigenlijk alleen geschikt voor veeteelt i.c. gras. Gras heeft een drooglegging (= de afstand tussen het gras en het grondwater) van minstens 50 cm nodig. Dat is al aan de natte kant. In Friesland hanteert men 90 cm en meer. Stel dat de bodem 1cm/jaar daalt, dan is er na 5 jaar nog maar 45cm drooglegging over. De grond wordt steeds natter wat ten koste gaat van de draagkracht. De moderne landbouwwerktuigen zijn groot en zwaar en zakken dus weg in de grond.

Een ander probleem van de dalende bodem is dat ondergrondse kabels en leidingen (riool, gas, water, elektra) afbreekt, bijvoorbeeld op plekken waar die leidingen een huis binnengaan. Dat huis is doorgaans onderheid (staat op heipalen) en zakt dus niet mee.

Extra onderhoudskosten
Een dalende bodem veroorzaakt ook hoge onderhoudskosten aan wegen. Wegen zijn zelden onderheid (geen heipalen), bruggen en duikers wel. De weg zakt, maar de brug en de duikers niet, dat worden steeds grotere bulten in de weg en kan tot gevaarlijke toestanden leiden. Doordat de weg zakt kan er bij regen gemakkelijk water op de weg blijven staan, wat de verkeersveiligheid niet ten goed komt.

Wegen en ondergrondse kabels en leidingen moeten in veenweidegebieden veel vaker worden onderhouden dan in gebieden waar de bodem niet zakt. Die kosten worden o.a. via de gemeentelijke belastingen en het vastrecht omgeslagen over de inwoners van de gemeente.

Betonnen heipalen
De woningen die op betonnen heipalen staan, blijven tot in lengte van jaren staan. Alleen de tuin van die woningen zakt. Na 10 jaar moet er een drempel voor de ingang worden gelegd en moet de tuin en het terras voor de eerste keer worden opgehoogd. Dat gaat tot in lengte van jaren door en is dus een steeds terugkerende kostenpost voor de bewoners.

Houten palen heipalen
Woningen op houten palen zijn een probleem apart. Als een houten heipaal onder water blijft, is er niets aan de hand. Zodra hij echter boven het grondwater uitkomt, begint hij te rotten. Daardoor ontstaat schade aan het huis. Zo’n situatie doet zich bijv. voor als zo’n woning grenst aan agrarisch land. Om de drooglegging van 50cm in staand te houden, zou het peil jaarlijks met 1cm moeten worden verlaagd. Om de houten heipalen nat te houden is peilverlaging uit den boze. Dat is een veelvoorkomend dilemma in het veenweidegebied.

Wat kunnen we er aan doen?
Door het waterpeil elk jaar met 1cm te verlagen, kun je de drooglegging van 50cm in stand houden. Voor de boer verandert er niets, alleen zakt zijn land steeds verder weg. Voor het waterschap verandert er juist heel veel. Lage gronden hebben eerder te maken met wateroverlast. Er moet dus vaker en meer water worden weggepompt. Dat water moet ook over een steeds groter worden hoogteverschil worden weggepompt.  Doordat de bodem niet overal gelijkmatig zakt, ontstaat een palet van verschillende polderpeilen. Dat maakt het waterbeheer steeds complexer en duurder. Het kost nu al 500-700 euro/ha/jaar. Die (jaarlijks oplopende) kosten worden via de waterschaps belasting omgeslagen over alle inwoners van het waterschap.

Naast het kostenaspect is ook het behoud van het unieke veenweidelandschap (gras, water, wolken en koeien) een aspect wat toelichting behoeft.

Dat landschap dankt zijn ontstaan aan de ontwatering ten behoeve van de ontginning. Die ontwatering is tegelijk ook (het begin van) de ondergang van het landschap. Immers elk jaar verdwijnt er 1cm veen. Op sommige plekken is al een paar meter veen verdwenen en komt de onderkant van het veen (= zandlagen) in het zicht. Op andere plekken is de veenlaag nog meerdere meters dik. Het behoud zou gediend zijn met het stilleggen van de veenoxidatie. Dat kan door het gebied weer onderwater te zetten en er een moeras van te maken, net zoals het vroeger was. Nog even los van de problemen die dat geeft voor de huidige bewoners en gebruikers van het gebied, heb je daarmee het veenweidelandschap niet veilig gesteld. Het wordt immers een totaal ander landschap!

Guus Beugelink

Water Natuurlijk steunt intentieverklaring Unesco nominatie Nieuwe Hollandse Waterlinie

8 juni 2017
Tiel, Houten, – De Water Natuurlijk fracties in het Waterschap Rivierenland en Hoogheemraadschap de Stichtse Rijnlanden zijn verheugd. Het Landelijk Bestuur van Water Natuurlijk heeft de intentieverklaring Unesco nominatie Nieuwe Hollandse Waterlinie op ondertekend. Dit alles is voor het verkrijgen van de werelderfgoed status. Water Natuurlijk zet zich nu en in de toekomst naar vermogen in om … Lees "Water Natuurlijk steunt intentieverklaring Unesco nominatie Nieuwe Hollandse Waterlinie" verder

Tiel, Houten, – De Water Natuurlijk fracties in het Waterschap Rivierenland en Hoogheemraadschap de Stichtse Rijnlanden zijn verheugd. Het Landelijk Bestuur van Water Natuurlijk heeft de intentieverklaring Unesco nominatie Nieuwe Hollandse Waterlinie op ondertekend. Dit alles is voor het verkrijgen van de werelderfgoed status. Water Natuurlijk zet zich nu en in de toekomst naar vermogen in om de uitzonderlijke universele waarde van dit toekomstig werelderfgoed te beschermen, te ontwikkelen en uit te dragen.

Water Natuurlijk-Rivierenland
De Water Natuurlijk fractie in Waterschap Rivierenland geeft aan dat “aandacht voor cultuurhistorie niet alleen het behouden van het oude is maar juist samen inzetten voor de toekomst. Dat laat de Diefdijklinie zien. Daarom ondersteunt Water Natuurlijk Rivierenland de plaatsing van de NHW op de Unescolijst van harte!”

Water Natuurlijk-Stichtse Rijnlanden
De Water Natuurlijk fractie in Hoogheemraadschap de Stichtse Rijnlanden geeft aan dat  “De nieuwe waterberging op het eiland van Schalkwijk laat zien hoe de Nieuwe Hollandse Waterlinie werkte. Een prachtig voorbeeld van het combineren van waterbeheer en geschiedenis. Een mooi project waar we bijzonder trots op zijn. Het ondertekenen van de intentieverklaring versterkt dit”

Water Natuurlijk
Het Landelijk Bestuur van Water Natuurlijk schrijft in de Intentieverklaring dat Water Natuurlijk maakt zich sterk voor gezond en schoon water, voor waterveiligheid, ook op de langere duur, en voor genoeg water. We willen de gebruiks- en belevingswaarde van het water versterken. Daar hoort respect voor het water-gerelateerde erfgoed bij. Een mooie, goed beschermde Nieuwe Hollandse Waterlinie vergroot het draagvlak voor goed waterbeheer en het besef van onze afhankelijkheid van goed waterbeheer.

Met de steunbetuiging bevestigt Water Natuurlijk zich nu en in de toekomst naar vermogen in te zetten om de uitzonderlijke universele waarde van dit toekomstig werelderfgoed te beschermen, te ontwikkelen en uit te dragen. We zetten ons in om aantasting tegen te gaan, de linie te beschermen en om deze zichtbaar, beleefbaar en toegankelijk te maken en te houden.

De Nieuwe Hollandse Waterlinie is een belangrijke getuigenis van de nauwe relatie die Nederland van oudsher heeft met het water. Hoewel water ook elders als verdedigingsmiddel werd ingezet is de schaal en nauwkeurigheid waarmee dat in Nederland gebeurde uniek. Water Natuurlijk is op het moment de grootste groepering in de besturen van de waterschappen is.

Twee mooie Nieuwe Hollandse Waterlinie projecten in de regio’s

  • De Diefdijklinie is een dijkverbeteringsproject van Waterschap Rivierenland.
  • Het demonstratie inundatieveld Blokhoven van Hoogheemraadschap de Stichtse Rijnlanden

Diefdijklinie
Een bijzonder project is de Diefdijklinie, vanwege de rijke historie van het gebied en de grote landschappelijke waarde. Al ruim 10 jaar wordt er in dit project intensief samengewerkt met gemeenten, bewoners, provincies. Het project is inspirerend door de integrale omgevingsaanpak. Zo ontstond Ă©Ă©n plan, met Ă©Ă©n overheidsloket, Ă©Ă©n (wettelijke) procedure en Ă©Ă©n uitvoerder. Door deze aanpak heeft de Unie van Waterschappen Waterschap Rivierenland gekozen tot winnaar van de waterinnovatieprijs 2016 in de categorie ‘Waterveiligheid’. Er is gewerkt aan behoud van het karakteristieke profiel, de bewoning en handhaving van hoogstamfruit. Er zijn wandelpaden, dijktrappen, verblijfplekken en parkeerplaatsen aangelegd om recreatie mogelijk te maken. “Mooi hoe hier beleving, cultuurhistorie en veiligheid gecombineerd worden en zorgen voor veel draagvlak bij omgeving. Een aanpak die volgens Water Natuurlijk-Rivierenland navolging verdient.”

Inundatieveld Blokhoven (eiland van Schalkwijk)
Op 24 mei 2017 heeft de Water Natuurlijk Hoogheemraad Guus Beugelink in hoogheemraadschap de Stichtse Rijnlanden door de ingebruikname van het demonstratie inundatieveld Blokhoven de Nieuwe Hollandse Waterlinie tot leven gebracht. Guus Beugelink is tevens waterambassadeur voor de Nieuw Hollandse Waterlinie. Bij de aanleg van de polder zijn ook de recreatieve functie van het gebied versterkt met onder meer wandelpaden en kano-in- en uitstapplaatsen. Verder is aandacht besteed aan de goede leefomstandigheden voor planten en dieren. Het inundatieveld Blokhoven ligt (oostelijk van Fort aan de korte Uitweg) in Schalkwijk.

Waterkracht kan echt niet meer! Of toch?

12 mei 2017
Op 10 maart 2017 organiseerde Water Natuurlijk in Arnhem een bijeenkomst over het gebruik van waterkracht in Nederland. Bestuurders uit heel Nederland lieten zich informeren en discussieerden mee over de kansen voor waterkracht bij het waterschap. De omschakeling van fossiele brandstof naar duurzame, hernieuwbare energiebronnen is hard nodig Water Natuurlijk maakt zich daar hard voor. … Lees "Waterkracht kan echt niet meer! Of toch?" verder

Op 10 maart 2017 organiseerde Water Natuurlijk in Arnhem een bijeenkomst over het gebruik van waterkracht in Nederland. Bestuurders uit heel Nederland lieten zich informeren en discussieerden mee over de kansen voor waterkracht bij het waterschap.

De omschakeling van fossiele brandstof naar duurzame, hernieuwbare energiebronnen is hard nodig Water Natuurlijk maakt zich daar hard voor. Meer inzetten op waterkracht lijkt daarin een logische stap. Maar de werkelijkheid lijkt veel genuanceerder en lastiger dan dat.

Kosten en baten
Otto Willemsen, de auteur van het boek ‘Thuis in Energie’ gaf een presentatie over de potentiĂ«le rol van duurzame energie en waterkracht in het bijzonder. Energie uit wind, water of zon is door de seizoenen heen in wisselende mate beschikbaar. In de winter levert zonne-energie veel minder op en als het niet waait of er weinig water stroomt door de rivieren, leveren wind- en waterkracht weinig energie. Het is daarom belangrijk dat in de toekomst energie uit meerdere bronnen moet komen om energienet continue van stroom te kunnen voorzien. Vooralsnog zal dit aangevuld moeten worden met fossiele energie omdat die als bron wel naar believen ingezet kan worden.

Waterkracht vergt hoge investeringskosten en is daarom duur per kilowattuur. Een businesscase is daarom alleen interessant als de kosten via subsidie gedrukt kunnen worden. De hoeveelheid energie die theoretisch opgewekt kan worden is landelijk gezien verwaarloosbaar. In Nederland is het alleen op lokaal niveau interessant om te overwegen.

Nadelen
Sportvisserijorganisaties zijn fel gekant tegen het plaatsen van waterkrachtcentrales in belangrijke watergangen. Het is een van de belangrijkste redenen waarom in heel Europa soorten als zalm, steur en zeeforel tot ernstig bedreigde soorten zijn geworden. Vissen die door waterkrachtturbines zwemmen worden massaal gedood. Er wordt nu via diverse richtlijnen en internationale afspraken een bedrag van circa 1 miljard euro geĂŻnvesteerd om rivieren als de Rijn en Maas en de stroomopwaarts gelegen paaigebieden optrek baar te maken. Waterkrachtcentrales vormen hierbij dus een belangrijk obstakel.

Op 1 januari 2015 is een beleidsregel van kracht geworden die stelt dat waterkrachtcentrales langs een migratieroute gezamenlijk niet meer dan 10% aan sterfte mogen veroorzaken aan doortrekkende zalm en aal. Juist deze soorten waar het zo slecht mee gaat, komen massaal om tijdens het passeren van deze constructies. Tegelijkertijd zet zij wel in op lokale inzet van waterkracht waar zich kansen voordoen in de rijks wateren.

Innovaties
Maar de waterschappen gaan niet over waterkracht in de grote rivieren. Is het dan een interessante bron van energie voor HDSR? Traditionele waterkrachturbines vragen een flink hoogteverschil en veel aanbod van water. Die zijn er niet of nauwelijks aanwezig binnen het gebied van HDSR. Juist in Nederland is er veel innovatiekracht waaruit steeds nieuwe concepten uitgewerkt worden om onder allerlei omstandigheden stroom uit waterkracht op te wekken. Deze typen turbines worden ingezet op plaatsen waar dit vroeger geen optie was.

Waterkracht binnen het beheersgebied van waterschappen wordt daarmee steeds meer een optie waar we over na moeten denken. Zeer belangrijk verschil met traditionele turbines is dat de innovatieve ontwerpen uit zijn gegaan van duurzaamheid als randvoorwaarde.

Een verwaarloosbaar of geen effect op de ecologie hoort daar bij. Dus geen sterfte bij het passeren of versnippering van leefgebieden. Daarmee worden ook miljoeneninvesteringen van waterschappen in de KRW niet gefrustreerd en komen deze innovaties voor een groot deel tegemoet aan de bezwaren van partijen als Natuurmonumenten en Sportvisserij Nederland.

Momenteel zijn er vijf waterschappen waar geëxperimenteerd wordt met waterkracht of er al centrales staan (Vallei en Veluwe, Rivierenland, De Dommel, Roer en Overmaas, Rijn en IJssel). Aangezien de realisatiekosten voor een waterkrachtcentrale aanzienlijk zijn, er veel praktische bezwaren aan kleven, en de opbrengst te verwaarlozen, lijken andere vormen van duurzame energie veel kansrijker.

Het actief stimuleren van waterkracht lijkt daarom vanuit de duurzaamheidsagenda geen zinnige besteding van geld en middelen. Daarbij staat de deur, wel nadrukkelijk open voor lokale initiatieven die een businesscase willen voorleggen. Een businesscase is kansrijk als deze rendabel is en geen ecologische schade veroorzaakt.

Water inspiratie voor verkiezingsprogramma’s

10 mei 2017
Water in gemeentelijke verkiezingsprogramma’s 2018 De landelijke verkiezingen zijn nog maar net achter de rug. Lokale afdelingen en partijen maken zich alweer op voor de gemeenteraadsverkiezingen in 2018. Water Natuurlijk hoopt dat water een prominente plek krijgt in de verkiezingsprogramma’s en heeft concrete tips. Schoon, gezond, aantrekkelijk water, dat wil iedereen: niet te veel, niet te weinig en van … Lees "Water inspiratie voor verkiezingsprogramma’s" verder

Water in gemeentelijke verkiezingsprogramma’s

2018

De landelijke verkiezingen zijn nog maar net achter de rug. Lokale afdelingen en partijen maken zich alweer op voor de gemeenteraadsverkiezingen in 2018. Water Natuurlijk hoopt dat water een prominente plek krijgt in de verkiezingsprogramma’s en heeft concrete tips.

Schoon, gezond, aantrekkelijk water, dat wil iedereen: niet te veel, niet te weinig en van goede kwaliteit. Water is bepalend voor de kwaliteit van onze leefomgeving en is een belangrijke voorwaarde voor onze dagelijkse behoeften: gezond voedsel, een groene omgeving, aantrekkelijke wijken, recreatie, bedrijven en gevarieerde natuur.

Rol gemeenten belangrijk
Daarom is ruime aandacht voor water nodig. Die noodzaak wordt alleen maar groter met de toenemende druk op onze ruimte en klimaatverandering. Gemeenten kunnen een belangrijke rol spelen, bijvoorbeeld door water al vanaf het begin in de planvorming mee te nemen en ruimte te geven aan slimme koppelingen. Samen met andere overheden zoals de waterschappen, maar ook met bewoners, ondernemers en andere belanghebbenden. Ook kunnen gemeenten hun inwoners stimuleren om hun straat of wijk te vergroenen en zo klimaat bestendiger te maken.

Water Natuurlijk denkt mee
Om de schrijvers van de gemeentelijke verkiezingsprogramma’s te inspireren, heeft de fractie van Water Natuurlijk in Hoogheemraadschap de Stichtse Rijnlanden een aantal praktische tips op een rijtje gezet. Maak er gebruik van en geef water een goede plek in de verkiezingsprogramma’s.

Je kunt hier het inspiratiedocument ten behoeve van de gemeentelijke verkiezings programma’s downloaden.

Wij hopen dat je er inspiratie uit kunt putten. Heb je vragen? Wil je meer gemeente-specifieke programmapunten? laat het ons weten: we denken graag verder mee.
Stuur een mailtje naar stichtserijnlanden@waternatuurlijk.nl

123456789101112131415