Bijeenkomst voor geïnteresseerden

13 januari 2022

Coalitieakkoord is best wel watervriendelijk

4 januari 2022

Hoe watervriendelijk is het coalitieakkoord van VVD, D66, CDA en CU? Wij van Water Natuurlijk, de grootste waterschapspartij van Nederland, heeft het akkoord van de regeringspartijen met een ruime voldoende beoordeeld op watervriendelijkheid. Alleen die ruime voldoende blijkt wel het gemiddelde van de watervriendelijkheid van de vier partijen. En dat valt dan wel weer een beetje tegen. Met partijen als D66 en ChristenUnie, die beiden een dikke 9 scoorden, had er volgens ons meer ingezeten.


Op de doelen voor het thema klimaat scoort het coalitieakkoord erg hoog. Water Natuurlijk is ook tevreden dat de coalitie aandacht heeft voor water als ordenend principe bij ruimtelijke ontwikkelingen. Verder scoort het coalitieakkoord goed op klimaatadaptatie zowel in de stad als in het ommeland, is er aandacht voor circulariteit en het principe dat de vervuiler betaalt.
Als het gaat over natuurnetwerk is Water Natuurlijk nog niet overtuigd van de ambities van de coalitie. Dit, ondanks de aandacht die er is voor biodiversiteit. Over de afstemming van de nitraatrichtlijn op de kaderrichtlijn water blijft het coalitieakkoord vaag. Hier is ruimte voor verbetering. Ronduit slecht zijn de plannen van de coalitie als het gaat om schoon water en de aanpak van droogte.
Ook vindt Water Natuurlijk het een gemiste kans dat het akkoord niets vermeldt over de afschaffing van geborgde zetels. Een zeer actueel thema, dat met de waterschapsverkiezingen in 2023 in het vooruitzicht, nu geregeld had kunnen worden. En datzelfde geldt voor de financiering van lokale politieke partijen. Die blijven met dit akkoord achtergesteld bij politieke partijen die deel uitmaken van de Tweede Kamer. De plannen in het coalitieakkoord krijgen een ruime voldoende. Nu de uitvoering nog.

Gebruik uitvoeringskracht waterschappen


Het coalitieakkoord stelt tot maar liefst 25 miljard euro beschikbaar voor een transitiefonds om de ‘uitdagingen in landbouw en natuur’ aan te pakken. Een ‘krachtige regie-organisatie’ ondersteunt dit proces en ‘stuurt indien nodig bij. We maken per gebied ook inzichtelijk wat het toekomstperspectief voor de landbouw is’.

Verder stelt het nieuwe kabinet: ‘In de gebiedsgerichte aanpak kunnen extensivering, omschakeling, innovatie, legalisering en verplaatsing helpen bij versnelling van verduurzaming in de landbouw. Daarbij wordt rekening gehouden met natuurlijk verloop in de sector. Het kabinet stelt verder: ‘In gebieden waar de opgave tot emissiereductie en natuurherstel dermate groot is dat vrijwilligheid niet langer vrijblijvendheid betekent, gaan we op het boerenerf het gesprek aan om samen te zoeken naar de mogelijkheden. Met een grondbank vergemakkelijken we de instap voor jonge boeren en het vinden van ontwikkelruimte. Deze grondbank geeft vrijkomende grond uit te voor het extensiveren, omvormen en verplaatsen van bedrijven vanboeren die graag door willen en voor natuur.’

Voor Water Natuurlijk blijft nu de vraag, of het nieuwe kabinet waar nodig ook durft in te zetten op krimp van de veehouderij. Het zou een ernstige bedreiging zijn van het soms broze draagvlak in de regio, wanneer lokale en regionale betrokkenen wat dat betreft zelf de aardappels uit het vuur zouden moeten halen.

Een duidelijk signaal van het nieuwe kabinet dat de productie-omvang in de landbouw écht omlaag moet om water-, milieu- en natuurdoelen te kunnen halen, kan voorkomen dat de regionale verhoudingen tussen partijen op de proef worden gesteld. Dat is een belangrijke voorwaarde voor echte uitvoering van dit beleid.

Het is ook de vraag welke invulling de ‘krachtige regie-organisatie’ van het nieuwe kabinet gaat krijgen. Wil het kabinet de Dienst Landelijk Gebied opnieuw gaan oprichten? Het lijkt wijs om – in ieder geval voor de kortere termijn – voort te bouwen op de bestaande uitvoeringskracht van de waterschappen.

Het zou goed zijn als de waterschappen hier geen afwachtende houding aannemen, maar bij het nieuwe kabinet en de provincies snel zelf een bod op tafel leggen.

Gijzelt vrijwilligheid de aanpak van verdroging?


Wat kunnen we leren van recente gebiedsgerichte processen? De Wageningse Universiteit heeft onlangs een evaluatie gemaakt van gebiedsprocessen voor natuurontwikkeling.

De meeste provincies hebben na de decentralisatie van het natuurbeleid (2011) en het Natuurpact (2013) gekozen voor een meer sectorale gebiedsgerichte aanpak in het realiseren van het Natuurnetwerk. Dit betekent dat de natuuropgave in deze gebiedsprocessen centraal staat en andere (beleids)doelen geen of een secundaire rol spelen.

De meeste provincies hadden daarbij aanvankelijk een voorkeur voor vrijwillige grondverwerving en zelfrealisatie. Dan is 100% realisatie van natuurdoelen lastig, omdat dit in hoge mate afhankelijk is van de bereidheid van grondeigenaren om mee te werken aan zelfrealisatie of grondverwerving.
Via een actieve benadering van grondeigenaren komt men vaak een heel eind, maar in veel gebieden blijft een aantal grondeigenaren over die niet willen meewerken. De provincie heeft bij een vrij sectoraal gebiedsproces dan alleen de optie om meer flexibel om te gaan met de begrenzing en/of de natuurdoelen om beter te kunnen aansluiten bij de wensen en mogelijkheden van grondeigenaren. In dat geval is de kans groot dat de natuurdoelen niet voor 100% worden gehaald.

De Zumpe bij Doetinchem is een van de bestudeerde gebieden. Hier is een groot deel van de natuuropgave gerealiseerd via vrijwillige grondverwerving of zelfrealisatie. Maar 100% doelrealisatie leek op het moment van deze studie (2019) niet mogelijk. Tenminste één particuliere grondeigenaar wil ten tijde van het onderzoek niet meewerken en voor een aantal anderen was dit nog onzeker. Het gevolg is dat de natuurbegrenzing op deze plekken moet worden aangepast en de beoogde nieuwe natuur op andere plekken moet worden gerealiseerd.

In het gebied Aaltense Goor stond de inrichting van reeds eerder verworven gronden centraal. Hier zijn de oorspronkelijke natuurdoelen veel rigoureuzer aangepast dan in de Zumpe. Opmerkelijk genoeg ging het in dit gebied niet zozeer om gebrek aan medewerking van de grondeigenaren (de grond was al verworven), maar om protesten van omliggende landbouwbedrijven tegen de verdrogingsanapak. De grondeigenaren waren niet bereid om buiten het natuurgebied maatregelen te treffen om de verdroging te beperken. Vervolgens zijn de oorspronkelijke natuurdoelen flink (naar beneden) bijgesteld van blauwgrasland naar vochtig hooiland en kruiden- en faunarijk grasland.

Ondanks dat het merendeel van de provincies kiest voor vrij sectoraal opgezette gebiedsprocessen bij de realisatie van het Natuurnetwerk, zijn er ook nog provincies die kiezen

voor realisatie van nieuwe natuur in meer, meestal vrijwillige, integrale gebiedsprocessen.
In integrale vrijwillige gebiedsprocessen zijn meer mogelijkheden voor uitruil van belangen en het schuiven met grond. Dit biedt mogelijkheden voor natuurrealisatie door natuurdoelen te combineren met andere doelen zoals landbouwstructuurverbetering of recreatie. Deze processen kosten wel vaak veel tijd, en succes is afhankelijk van ruimte op de regionale grondmarkt (en de mogelijkheden om ruilgrond te kopen).

Inmiddels kiezen provincies onder druk van natuurverplichtingen steeds meer voor dwingende instrumenten. Bij dwingende sectorale gebiedsprocessen lijkt 100% realisatie gemakkelijker omdat via onteigening medewerking van de grondeigenaar in principe kan worden afgedwongen. De bijbehorende procedures kosten wel veel tijd en geld en vragen om volledige schadeloosstelling bij grondverwerving. Bovendien is politieke bereidheid nodig in provincies om het dwingende instrumentarium daadwerkelijk in stelling te brengen voor natuurdoelen.

Opvallend is dat het instrument van de wettelijke herverkaveling (uit de Wet Inrichting Landelijk Gebied WILG) dat bij uitstek geschikt is voor dit soort integrale gebiedsprocessen door provincies niet meer wordt ingezet voor realisatie van de natuuropgave. Wettelijke herverkaveling is juist bedoeld om een dwingende aanpak te combineren met het realiseren van landbouwdoelen en andere gebiedsdoelen zoals natuurrealisatie. Door grond te ruilen kan onteigening worden voorkomen.

Daarnaast voorziet de WILG in het instrument van de korting; alle grondeigenaren krijgen dan iets (tot 5 procent) minder grond toegewezen dan ze hebben ingebracht. Ook zo kan onteigening worden voorkomen.

Wijzig de Wet financiering politieke partijen!


De VNG, het Kennispunt Lokale Politieke Partijen en de Unie van Waterschappen een herhaalde oproep voor de structurele financiering van lokale politieke partijen.
Water Natuurlijk ondersteunt die oproep van harte. We zijn landelijk de grootste waterschapspartij. Maar anders dan de partijen die ook in de Tweede Kamer zijn vertegenwoordigd, betalen we als leden en vooral ook bestuurders (via een verplichte afdracht) helemaal zelf al onze kosten.

Bij de meest recente waterschapsverkiezingen waren lokale partijen het grootst met 41% van de stemmen. Bij de gemeentelijke herindelingsverkiezingen in november 2020 werden lokale partijen in alle gemeenten veruit de grootste.

Om lokale politieke partijen goed toe te rusten op hun belangrijke taak in de lokale democratie is het van belang dat zij daarvoor adequate ondersteuning krijgen. Het gaat dan o.a. om het opleiden en voorbereiden van politiek ambtsdragers, het deugdelijk organiseren van kandidaatstellingsprocedures en het samenstellen van een verkiezingsprogramma, communicatie met en activiteiten voor leden en inwoners, opkomstbevordering bij verkiezingen en algemene professionalisering van de politieke partij als stichting of vereniging. Zonder landelijk partijbureau om op terug te vallen voor kennis, wetenschappelijk onderzoek, ICT en juridische ondersteuning en modelreglementen en programma’s, is het voor besturen van lokale politieke partijen een grote uitdaging om alle taken en verantwoordelijkheden goed uit te voeren. De nood voor een beter toegeruste lokale democratie wordt steeds groter, vanwege de grote opgaven waar gemeenten en waterschappen op dit moment voor staan

Rijn en IJssel stelt Waterbeheerprogramma vast


Het waterbeheerprogramma 2022-2027 is in december goedgekeurd, in de laatste Algemeen Bestuursvergadering van het jaar. Het is een beleidsverhaal, waarmee het waterschap aan- geeft welke doelen het nastreeft, welke inspanningen het doet om dat beleid te realiseren en welke financiële midde- len daarmee gemoeid zijn. Het programma richt zich op de periode 2022-2027.

We zijn er blij mee. Het bevat genoeg mogelijkheden om in de komende jaren zaken te realiseren die wij als Water Natuurlijk belangrijk vinden. Er is veel aandacht voor een klimaatrobuust watersysteem, een gezonde leefomgeving voor mens en ecologie, circulaire economie en energietran- sitie, en voor waterveiligheid.

Waterkwaliteit: kabinet riskeert problemen EU


Al jaren is het halen van een goede waterkwaliteit voor Nederland een uitdaging. De nitraatvervuiling van ons grond- en oppervlaktewater is daarvan een treffend voorbeeld. Voorlopig blijven een goede waterkwaliteit helaas nog ver buiten bereik. De Commissie voor de milieueffectrapportage heeft het concept beoordeeld van het nieuwe Zevende Actieprogramma Nitraatrichtlijn. Helaas gaat dit ons weinig gaat helpen. Daarmee neemt het kabinet welbewust het risico dat de Europese Commissie Nederland in gebreke kan gaan stellen.
De Europese Nitraatrichtlijn heeft als doel de waterkwaliteit te beschermen en te verbeteren door te voorkomen dat mest- en meststoffengebruik het grond- en oppervlaktewater verontreinigen en door goede landbouwpraktijken te stimuleren. Om aan de doelstellingen van deze richtlijnen te voldoen, wordt iedere vier jaar een actieprogramma opgesteld dat het rijksbeleid omvat om de nitraatvervuiling terug te dringen.
Het Milieueffectrapport laat zien dat dit actieprogramma evenmin als de eerdere actieprogramma’s leidt tot het op tijd halen van de Europese milieudoelen. De consequentie daarvan is dat drinkwater voor mens en vee, zwem- en recreatiewater, een gezonde bodem en een goed ontwikkeld waterecosysteem voor de lange termijn niet geborgd kunnen worden.
In vorige adviezen over de voorgaande actieplannen heeft de Commissie voor de milieueffectrapportage benadrukt dat een integrale aanpak essentieel is, zowel voor het behalen van de doelen als om duidelijkheid te bieden aan de landbouwsector. Daarnaast constateerde zij dat er een grote stapeling van regels en voorschriften is, wat het beleid complex en ondoorzichtig maakt. Ondanks de stapeling van regels ontbreekt inzicht in maatregelen waarmee de doelen wél gehaald kunnen worden en wat gedaan wordt bij tegenvallende resultaten.
De afgelopen jaren is volgens het MER onvoldoende vooruitgang geboekt en is de kwaliteit in sommige type gebieden zelfs verslechterd. Dit wordt volgens het MER mede veroorzaakt door twee jaren met droogte. Maar ook vóór deze periode was de daling in nitraatgehalten niet zodanig dat de doelstellingen gehaald zouden gaan worden. Bovendien zullen dergelijke periodes van droogte in de toekomst steeds vaker voorkomen en kunnen de effecten daarvan verhevigen, onder andere door beperkingen aan beregening. De Commissie constateert daarmee dat de eerdere adviezen nog steeds van toepassing zijn op (het MER voor) dit ontwerp zevende actieprogramma. Behalve de door het MER beschreven negatieve ontwikkelingen van de afgelopen jaren, ziet de Commissie daarbovenop nog verschillende ontwikkelingen op de langere en de (zeer) korte termijn die invloed hebben op de doelen van het programma, zoals de klimaatveranderingen, de wens voor een meer integrale aanpak in de Omgevingswet, mogelijke aanpassingen in mest- en stikstofbeleid en de afstemming met andere maatregelen voor waterkwaliteit en natuurverbetering.

De Commissie concludeert uit het MER ten onrechte geen reëel alternatief bevat waarmee het gewenste doelbereik wel kan worden gerealiseerd.
De Commissie heeft zoals gezegd een ontwerp van het zevende actieprogramma beoordeeld. Op verzoek van het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit heeft de Commissie Deskundigen Meststoffenwet (CDM) gekeken naar de wijzigingen die later zijn aangebracht in dit concept van het Zevende Actieprogramma Nitraatrichtlijn.  zijn de wijzigingen beperkt, en valt er door de vele wijzigingen samen geen oordeel te vellen over de totale effectiviteit.

Duurzaam de Kerstdagen in?

3 januari 2022

21 december 2021 Klimaat, biodiversiteit en duurzaamheid lijken in de lift te zitten. Regeerakkoord lijkt een groene kleur te hebben, ons nieuwe waterbeheerprogramma heeft als motto klimaatrobuust en veel mensen zijn actief bezig met duurzaamheid. Heel fijn dat we vooral ook iets aan de oorzaken van klimaat verandering gaan doen, want als waterschap komen we meestal pas in beeld als het om aanpassen aan de veranderde omstandigheden gaat. Klimaatadaptatie heet dat dan netjes: het betekent zorgen dat je bij plensbuien het water toch weg krijgt, dat je bij droge zomers het gebied niet laat verdrogen en dat je het water leefbaar houdt als temperaturen stijgen. En dat je het water probeert te ontdoen van allerlei nieuwe stoffen en microplastics uit producten, die lekker goedkoop kunnen zijn, omdat het waterschap wel betaalt om de rotzooi op te ruimen. Beetje ondankbare taak…
Goed dat er nu meer aandacht bij andere overheden lijkt te gaan komen. Hopelijk gaan zij er voor zorgen dat er minder vervuiling ontstaat en dat de vervuiler gaat betalen in plaats van de schoonmaker. Ondertussen blijven wij natuurlijk ook naar binnen kijken. Van de week kreeg ik een mooi kerstpakket van het waterschap. Van alle producten bleek er geen enkele biologisch te zijn. Zorg voor duurzaamheid is helaas binnen het waterschap nog geen automatisme.
Ik wens iedereen een groene kersttijd met ruimte voor jezelf, voor elkaar en voor onze medebewoners op deze aarde!

Ruud Pleune
Fractievoorzitter Water Natuurlijk, waterschap Rijn en IJssel

Nieuwsflits Algemeen Bestuur 21 december 2021

22 december 2021

Waterbeheerprogramma definitief vastgesteld
Goed beleid voor de komende jaren met aandacht voor klimaat, ecologie en energie.

Het waterbeheerprogramma is formeel goedgekeurd in deze laatste Algemeen Bestuursvergadering van het jaar. Het is een beleidsverhaal, waarmee het waterschap aangeeft welke doelen het nastreeft, welke inspanningen het doet om dat beleid te realiseren en welke financiële middelen daarmee gemoeid zijn. Het programma richt zich op de periode 2022-2027.

We zijn er blij mee. Het bevat genoeg mogelijkheden om in de komende jaren zaken te realiseren die wij als Water Natuurlijk belangrijk vinden. Er is onder andere veel aandacht voor:

      • Klimaatrobuust watersysteem;
      • Gezonde leefomgeving voor mens en ecologie;
      • Circulaire economie en energietransitie;
      • Veilig gebied.

Waterhuishouding binnenstad Zutphen verbeterd
Het bestuur is akkoord met een project om de aanvoer van water naar de binnenstad te verbeteren. Door te baggeren wordt de waterbodem en daarmee de waterkwaliteit verbeterd en wordt de doorstroomcapaciteit vergroot (kwantiteit). Door aanleg van een nieuwe stuw wordt het mogelijk om in droge perioden (tijdelijk) meer water te kunnen te verdelen en het watersysteem beter door te spoelen om verslechterende waterkwaliteit te voorkomen.
Ook het plan voor de dijkversterking bij het IJsselpaviljoen in Zutphen is vastgesteld.

Onderzoek naar de Cybersecurity
De Rekenkamer van het Waterschapsbestuur zal een onderzoek doen naar de cybersecurity. In de vergadering hebben we de onderzoeksvraag besproken een aangescherpt.

Beleidskader Biodiversiteit in 2022 gereed
Het waterschap is bezig om een beleidskader Biodiversiteit te maken. Daarin komen o.a. uitwerkingen hoe in het onderhoud en maaibeleid biodiversiteit te bevorderen. Begin 2022 kom daar meer informatie over.

Kandidaat staan voor Water Natuurlijk?

30 november 2021

Op 15 maart 2023 zijn er weer waterschapsverkiezingen.

Woon je in een van de waterschappen:
– Rijn en IJssel,
– Rivierenland of
– Vallei en Veluwe?
En heb je belangstelling om kandidaat te staan voor Water Natuurlijk?

Vraag hier alvast meer informatie aan !

Een warm hart voor water en natuur? 

Nieuwe waterschapbestuurders gezocht voor Water Natuurlijk!

Water Natuurlijk is de landelijke politieke partij die zich in de waterschappen inzet voor schoon en voldoende water, natuur, landschap en recreatie. Dat doen we graag met een actieve betrokkenheid van alle inwoners.

15 maart 2023 lijkt nog ver weg, maar de voorbereidingen voor de vrekiezingen zijn inmiddels in volle gang.We zijn op zoek naar mensen die willen meedoen en meedenken, en stem willen geven aan Water Natuurlijk. Word lid van Water Natuurlijk en draag bij in de vereniging, draag bij aan de campagne, denk en doe mee in de organisatie van activiteiten, deel kennis en stimuleer anderen om mee te doen.

Alle aanmeldingen zijn welkom, we ontvangen je bericht graag! Of als je graag hoog op de lijst wilt, of niet zo nodig op verkiesbare plaats hoeft te staan. Of je nu actief aan de campagne mee wilt doen, of de actievelingen vooral tot morele steun wilt zijn. Dus geef vooral ruimte aan je ambities!

En meld je vooral aan als je lokaal grote bekendheid geniet, ook al heb je minder tijd voor de campagne. Goede ambassadeurs zijn zeer welkom!

Voor de duidelijkheid; het staat nog helemaal niet vast wie op een verkiesbare plaats komt te staan. Per waterschap hebben we een onafhankelijke kandidatencommissie ingesteld. Die stelt een advies op voor de volgorde op de lijst; onze regionale ledenvergadering beslist.

Wil je graag eerst meer weten over ons werk en over Water Natuurlijk? Neem dan contact met ons op voor een vrijblijvend informatief gesprek.

Foto: Een deel van de Water Natuurlijk kandidaten voor de waterschapsverkiezingen van 2019

 

 

 

12345678910111213