Water Natuurlijk legt partijen langs de meetlat

6 maart 2021

Op 17 maart 2021 zijn er verkiezingen voor de Tweede Kamer deze hebben directe gevolgen voor het beleid en de wetgeving voor het werk van de waterschappen. Om duidelijkheid te krijgen over de opstelling van de partijen is een aantal de programma’s van hen onderzocht gelet op de volgende vragen:

  • Vinden ze water belangrijk is bij de verdeling van de ruimte in Nederland?
  • Hoe reageren ze op heftige regenbuien en toenemende droogte?
  • Wordt er aandacht geschonken aan natuur, biodiversiteit, kwaliteit van water?
  • Moet de vervuiler van water betalen?
De verkiezingsprogramma’s van dertien politieke partijen zijn langs de meetlat gelegd met criteria die kritiek zijn voor een toekomstbestendig waterbeleid: het WaterRad. Om tijds- en capaciteitsredenen zijn niet alle partijen onderzocht: elke partij is door minstens twee mensen beoordeeld.

Zeker voor bijvoorbeeld de Randstad is het nationale beleid op het gebied van water van groot belang. Bescherming tegen overstroming en een goed beheer van water om droge voeten en waterkwaliteit te garanderen zijn cruciaal om in de delta te kunnen wonen en werken. Met het WaterRad laat Water Natuurlijk zien hoe politieke partijen over de watertoekomst van ons land denken.

Tevoren had Water Natuurlijk een manifest gestuurd naar de partijen die mee doen met verkiezingen. Hierin zijn de belangrijke water thema’s verwoord. Achteraf is beoordeeld hoe belangrijk deze partijen water vinden en hoe ze hier in het landelijk beleid mee om willen gaan. Alle partijen hebben de gelegenheid gehad om op onze analyse te reageren.

De scores – van 34% voor FVD en PVV tot 97% voor GroenLinks – geven aan in hoeverre Water Natuurlijk haar WaterRad-visie terugziet bij de partijen.

GroenLinks, D66, ChristenUnie en Partij voor de Dieren scoorden boven de 90% en vinden dus met Water Natuurlijk dat water en waterveiligheid voor ons land van groot belang zijn.

Water Natuurlijk is de groene stem van de waterschappen en staat voor veilig, voldoende, schoon en gezond water voor mens, plant en dier; onderwerpen die in het WaterRad aan de orde komen.

Joost Kievit MSc

Verdroging en waterkwaliteit laten meeliften met stikstofaanpak

26 januari 2021

De natuur op de Veluwe ervaart weinig voordeel bij het zomaar opkopen van landbouwbedrijven door de provincie. Dat blijkt uit onderzoek naar stikstofmaatregelen van Wageningen University en Research. Daaruit blijkt ook dat stikstofmaatregelen het meeste effect hebben op plekken waar het natuurprobleem het grootst is. De provincie Gelderland is van mening dat niet de uitstoot, maar de totale neerslag van stikstof moet bepalen welke bedrijven worden uitgekocht.

Te veel stikstofneerslag is één van de redenen waarom het slecht gaat met de natuur. Om de stikstofuitstoot te verminderen heeft het Rijk bijna 3 miljard euro beschikbaar gesteld voor natuurherstel- en versterking en circa 2 miljard euro voor (bron)maatregelen om de stikstofuitstoot van landbouw, verkeer, bouw en industrie te verminderen.

Het onderzoek heeft gekeken naar één maatregel: gerichte opkoop van piekbelastende veehouderijbedrijven.
Voor de selectie van piekbelasters zijn drie strategieën doorgerekend:

Referentie: Selectie van de bedrijven met de hoogste emissie (hoogste emissie)

  1. Selectie van bedrijven die de hoogste depositiebijdrage geven op een locatie op een nabijgelegen s tikstofgevoelige Natura 2000-gebied in Gelderland (hoogste piek)
  2. Selectie van bedrijven die de grootste totale depositiebijdrage leveren op de stikstofgevoelige in Natura 2000-gebieden (grootste vracht; dit is de insteek geweest van de provincie Gelderland in de vrijwillige kalverhouderij regeling van de provincie).
  3. Selectie van bedrijven die relatief de grootste bijdrage leveren aan het verminderen van overschrijding van de kritische depositiewaarde (maximaal doelbereik; dit is de doelstelling van het Rijk, 50% van de stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden onder de kritische depositiewaarde in 2030).

De berekeningen laten zien dat strategie 2, waarbij de reductie van de totale vracht aan ammoniakdepositie bij een gewenste emissiereductie maximaal is, tevens de grootste gemiddelde depositiereductie oplevert waarbij het kleinste aantal bedrijven moet opgekocht worden. Per ton ammoniakemissie die wordt opgekocht is deze strategie ook meest effectief. Verder geeft strategie 2 ook aan dat met het opkopen van 25 tot 75 bedrijven, vooral gelegen ten westen van de Veluwe, al een veel hogere stikstofdepositiereductie bereikt wordt in vergelijking met hetgeen het Rijk beoogde met het landelijk opkopen van 200 bedrijven.

Water Natuurlijk vindt dat niet alleen het terugdringen van de stikstofdepositie op de natuur belangrijk is. Het verbeteren van de waterkwaliteit en het beperken van de verdroging zouden zo goed mogelijk moeten meeliften met deze opkoopregeling. In de optie die de voorkeur van de provincie heeft, zouden vooral landbouwbedrijven aan de westkant van de Veluwe uitgekocht moeten worden. Dat biedt kansen om in dit oostelijk deel van de Gelderse Vallei tegelijkertijd de waterkwaliteit te verbeteren en het water langer vast te houden. Maar ook bij die optie blijft het van belang om te werken aan de luchtkwaliteit, de waterkwaliteit en het tegengaan van verdroging in met name het zuidelijk deel van de IJsselvallei en het gebied rond Winterswijk.

Indicatieve ligging van piekbelasters voor 3 strategieën
Bron: Wageningen Research

Minister Van Nieuwenhuizen traineert democratisering waterschappen


Waterschapspartij Water Natuurlijk is een groot voorstander van een verdere democratisering van de waterschappen. Maar de Waterschapswet bepaalt op dit moment nog dat in ieder waterschap tenminste 7 en maximaal 9 van de 30 zetels zijn gereserveerd voor de zogeheten ‘geborgde categorieën’. Deze zetels worden niet democratisch gekozen, maar aangewezen door belangengroeperingen (bedrijven, landbouw, natuur). De kiezer heeft hierdoor een beperktere invloed op de samenstelling van het algemeen bestuur. Overigens gaan de waterschappen niet zelf over afschaffing van de geborgde zetels; dat is aan de Tweede Kamer.

We vinden het aanwijzen van zetels, buiten democratische verkiezingen om, gewoon niet meer van deze tijd. We bevinden ons met die opvatting gelukkig in goed gezelschap. Ook de Commissie Boelhouwer vindt dat. Deze commissie oordeelde dat de gekozen vertegenwoordigers van de (politieke) partijen in de waterschappen zijn uitstekend in staat om in de bestuurlijke discussies alle specifieke belangen in hun afwegingen een plaats te geven.

Eind juni is door Laura Bromet, Tweede Kamerlid voor GroenLinks, een initatiefwet ingediend om te zorgen dat die afschaffing nog voor de verkiezingen in 2023 een feit is.

Minister Van Nieuwenhuizen van Infrastructuur en Water stelde de commissie Boelhouwer zelf in. Maar helaas durfde ze niet door te pakken. Ze vroeg aan het Overlegorgaan Fysieke Leefomgeving (OFL) om alle standpunten nog weer eens in beeld te brengen. Helaas leende deze club zich voor haar uitstelstrategie. Onlangs is hun rapport met de al zeer lang bekende standpunten uitgekomen.

Fijntjes wijst het OFL erop dat het nu te laat is om de wet nog op tijd voor de volgende waterschapsverkiezingen te veranderen. We zitten dus waarschijnlijk nog tot in ieder geval de waterschapsverkiezingen van 2027 vast aan dit verouderde en ondemocratische systeem

Herstel de natuurlijke overstromingsvlakten!

19 januari 2021

Natte overstromingsvlakten vormen een belangrijk onderdeel van natuurlijke riviersystemen, maar ondanks rivierherstel ontbreken ze nog vrijwel geheel in Nederland. In de uiterwaarden van de Rijntakken liggen lokaal goede kansen om deze ‘missing link’ te herstellen. Dat blijkt uit onderzoek in opdracht van het kennisnetwerk Ontwikkeling en Beheer Natuurkwaliteit (O+BN), waarin onder meer het ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Voedselkwaliteit (LNV) en 12 provincies participeren.

De oorspronkelijke situatie, waarin de grootschalige komgebieden in het rivierengebied functioneerden als tijdelijke natte overstromingsvlakten, kan vrijwel nergens meer worden hersteld. Er zijn echter wel mogelijkheden om uiterwaarden in het rivierengebied zodanig in te richten en het waterpeil te beheren, dat ze in ecologisch opzicht functioneren als een tijdelijke overstromingsvlakte. Het gaat daarbij vooral om uiterwaarden waar (hoog)water gecontroleerd via een inlaatwerk (sluis in zomerkade of oeverwal) kan worden in- en uitgelaten.

Nu de uiterwaarden meer en meer een natuurstatus krijgen, biedt dat kansen om het waterbeheer juist af te stemmen op het vasthouden van water in plaats van het voorkomen van inundatie en het zo snel mogelijk afvoeren van water. De zomerkaden die ooit aangelegd zijn om het water zo lang mogelijk uit de uiterwaarden te weren, bieden nu juist kansen om het water in de uiterwaarden in te vangen en langer vast te houden. Daarmee kan het waterpeil zodanig beheerd worden dat de uiterwaarden ecologisch functioneren als een periodieke overstromingsvlakte. Het gaat daarbij vooral om uiterwaarden waar (hoog)water gecontroleerd via een inlaatwerk (sluis in zomerkade of oeverwal) kan worden in- en uitgelaten.

Om duurzame populaties van onder meer broedvogels te kunnen herbergen is het belangrijk dat de overstromingsvlakten groot genoeg zijn of dat meerdere kleinere overstromingsvlakten bijeen liggen. De selectie van de meest kansrijke locaties langs de Rijntakken is op één kaart afgebeeld, waarbij onderscheid is gemaakt in gebieden die op korte termijn te realiseren zijn omdat ze binnen het Natuurnetwerk liggen en in gebieden waarop voor de langere termijn kan worden ingezet. Hieruit komen drie clusters van gebieden naar voren: Gelderse Poort en Beneden-Waal, de IJssel tussen Zutphen en Zwolle en het Zwarte Water in de delta van de IJssel en de Vecht. Ook de Bovenste Polder bij Wageningen is een kansrijk gebied.

Water Natuurlijk vindt dat deze uiterwaarden nu snel een natuurlijker karakter kunnen krijgen, zeker als ze al onderdeel uitmaken van het Natuurnetwerk.

Overzicht van kansrijke gebieden voor tijdelijke overstromingsvlakten langs de Rijntakken. Binnen het huidige natuurnetwerk Nederland (NNN) zijn er 3 clusters te onderscheiden: Gelderse Poort, Beneden-Waal en het Zwarte Water. Ook de Bovenste Polder bij Wageningen is een kansrijk gebied.

 

Overheden: neem verantwoordelijkheid voor funderingsschade!


Tot de jaren ’70 is in Nederland op klei- en veengronden gebruik gemaakt van ondiepe (op staal) funderingen en houten paalfunderingen. Niet alleen gebouwen met houten paalfunderingen kunnen funderingsproblemen krijgen. Ook gebouwen op zee- of rivierklei zoals het Rivierengebied kunnen funderingen hebben die gevoelig zijn voor beschadiging door zetting en lage grondwaterstanden.

De oorzaak van deze funderingsproblemen ligt vaak buiten de invloedssfeer van de bewoner maar deze draait wel op voor de volledige herstelkosten. Volgens het Verbond van Verzekeraars is deze schade in Nederland niet verzekerd.

Hoewel het om veelal trage processen gaat, kan er versneld schade ontstaan bij een plotselinge grondwaterverlaging of zetting door werkzaamheden. Ook een droger klimaat kan funderingsproblematiek door sterkere bodemdaling en lagere grondwaterstanden in gang zetten of versnellen. Tot hoeveel extra schade klimaatverandering kan leiden verschilt per gemeente: met name het westen van het land, Friesland en de gemeenten langs de IJssel lijken op basis van de analyse extra gevoelig voor klimaatverandering.

De droogte van de afgelopen zomers zorgde voor extra aandacht voor bodemdaling en schade aan funderingen.

Het Kennis Centrum Aanpak Funderingsproblematie (KCAF) heeft een aantal informatieve brochures uitgebracht.

De ruimtelijke spreiding van verwachte schade komt op hoofdlijnen overeen met het beeld van gemeenten waarvan op dit moment bij KCAF meldingen bekend zijn.

Een quickscan van Deltares biedt inzicht in de ruimtelijke spreiding en ordegrootte van de schadekosten in de periode 2018 – 2050 op gemeenteniveau. Op basis van gegevens van Deltares heeft Sweco deze kaart gemaakt waarin de risicogebieden van funderingsproblemen inzichtelijk zijn gemaakt.

Funderingsherstel is erg duur. Een grote groep eigenaar-bewoners kan de kosten niet dragen. Het Fonds Duurzaam Funderingsherstel is bedoeld voor de financiering van noodzakelijk funderingsherstel. Het fonds heeft een omvang van € 100 miljoen, waarvan 20 miljoen euro van de rijksoverheid. Op een totale schadelast van tientallen miljarden is dit bedrag natuurlijk een schijntje en bovendien gaat het om een lening.

Risicogebieden voor funderingsproblemen

Bron: SWECO

Water Natuurlijk vindt dat overheden inwoners niet zomaar in de kou laten staan. Dat vraagt drie dingen.

Ten eerste een substantiëler nationaal fonds dat rekening houdt met de draagkracht van bewoners, die geheel buiten hun schuld voor ingrijpende investeringen staan.

Ten tweede moeten bewoners zonder meer schadeloos worden gesteld, als de schade het gevolg is van werkzaamheden. De overheid als opdrachtgever mag omwonenden niet in de kou laten staan.

Ten derde is een heroverweging nodig van het waterpeilbeheer in die gebieden waar bijvoorbeeld verdergaande peilverlaging voor de landbouw zorgt voor veel extra schade aan woningen. Dat is een taak voor provincies en waterschappen.

 

 

 

 

 

Europese Commissie: landbouwsubsidie inzetten voor herstel sponswerking en waterkwaliteit


De Europese Commissie wil dat Nederland de sponswerking van het watersysteem herstelt. De Commissie stelt vast dat het intensieve gebruik van het platteland door de landbouw heeft geleid tot een verlaging van het grondwaterpeil. De afvoer van water versneld door het droogleggen van land en het kanaliseren van beken en rivieren. Dat heeft tot gevolg gehad dat de sponsfunctie van het platteland aanzienlijk is verminderd. “Ernstige droogtes hebben de afgelopen 3 jaar tot aanzienlijke economische schade geleid.”

Dit zegt de Europese Commissie in de aanbevelingen voor de Nederlandse uitwerking van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB).

Ook moet de Nederlandse landbouw de belasting van het milieu met schadelijke stoffen fors verminderen. Gebeurt dat niet dan loopt Nederland het risico zich niet aan internationale milieu- en klimaatverdragen te houden, zoals de doelstellingen in het Klimaatakkoord van Parijs en de Kaderrichtlijn Water. De Commissie signaleert dat de uitspoeling van nutriënten in Nederland met 200 kg stikstof maar liefst vier keer zo groot als het gemiddelde van de 27 Europese lidstaten.

De stikstofbelasting vanuit de landbouw in Nederland is hoogBron: Europese Milieuagentschap

Nederland zal volgens de Commissie de GLB-gelden moeten gebruiken om de stikstofemissies naar water en lucht terug te brengen om de kwaliteit van het oppervlakte- en grondwater te verbeteren en bescherming te bieden aan de Natura 2000-gebieden. Verder wil de Commissie dat in Nederland het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen sterk wordt teruggebracht.

28 januari 2021 Webinar Biodiversiteit en Verdroging

21 december 2020


Webinar Biodiversiteit en Verdroging

28 januari 2021, van 20.00-21.00u, via ZOOM

Verdroging is na drie hete en droge zomers een actueel thema. Maar het is beslist geen nieuw fenomeen. De problemen die verdroging voor natuur veroorzaakt zijn al zeker een halve eeuw bekend. Gaan we deze eindelijk oplossen nu, na drie gortdroge zomers op een rij, verdroging niet alleen een probleem voor natuur blijkt, maar ook de landbouw schade berokkent en funderingsproblemen veroorzaakt bij gebouwen?

In zijn inleiding bij aanvang van de Regionale Ledenvergadering van Water Natuurlijk Midden Nederland ging ecohydroloog Flip Witte in op de rol die waterschappen kunnen spelen bij het oplossen van de verdrogingsproblematiek. Bijvoorbeeld door regenwaterminder snel af te voeren of door meer natte bufferzones in te richten rondom natuurgebieden. Dat verdroging nog steeds een probleem is roept de vraag op of waterschappen wel genoeg doen en of ze wel de goede dingen doen. Hoe kunnen we er wél voor zorgen dat het probleem wordt opgelost?

Die vragen staan centraal op ons tweede webinar op 28 januari 2021. We gaan het gesprek aan met:

Frans ter Maten, Heemraad van waterschap Vallei en Veluwe namens Water Natuurlijk.
Piet Verdonschot, hoogleraar Wetland RestorationEcology aan de Universiteit van Amsterdam.
Jan Aalbers, wethouder gemeente Epe met o.a. klimaat en leefomgeving in zijn portefeuille.
Gert-Jan Blankema, ecoloog, auteur van Veluwe, Buitengewoon.

Deelnemers aan het webinar kunnen via de chat meepraten, vragen stellen en een reactie geven op stellingen.

Schrijf je hier in.

Snel volgende stap naar nieuw belastingstelsel waterschappen nodig

11 december 2020

Na bijna een jaar polderen hebben de 21 waterschappen op 11 december ingestemd met een pakket voorstellen om knelpunten in het eigen belastingstelsel op te lossen. Water Natuurlijk vindt het positief dat er nu een breed gedragen voorstel kan worden voorgelegd aan de wetgever. Positief is ook dat het voorstel waterschapsbesturen de mogelijkheid geeft om de inwoners een rechtvaardiger tarief in rekening te brengen. Toch moet er nog méér gebeuren om te zorgen voor een betere en eerlijker manier om de kosten voor veilig, schoon en voldoende water te verdelen. De grootste waterschapspartij ziet het voorstel daarom vooral als een eerste stap.

In december 2019 bleek er na jaren praten toch geen draagvlak voor een uitgebreid voorstel over hoe precies de kosten voor rioolwaterzuivering, veilige dijken en voldoende en schoon oppervlaktewater moeten worden betaald door de vier groepen belastingplichtigen: boeren, bedrijven, natuur en inwoners. Daarom is met een uitgekleed eisenpakket een alternatief uitgewerkt dat alleen de belangrijkste knelpunten oplost. Dat is nu dus gelukt.

Inwoners betalen nog steeds teveel

De fracties van Water Natuurlijk in de 21 waterschapsbesturen hebben allemaal hun steun uitgesproken voor het pakket: niet omdat dit hét model voor de toekomst is, maar omdat het voor nu een goede eerste stap is om de meest urgente problemen op te lossen. Voorwaarde voor Water Natuurlijk was wel dat waterschapsbesturen de mogelijkheid zouden krijgen om onderscheid te kunnen maken tussen woningen en niet-woningen bij het bepalen van de bijdrage van inwoners en bedrijven. Met de stijgende WOZ-waarde van huizen betalen de inwoners in verhouding steeds méér, terwijl ze volgens Water Natuurlijk toch al teveel betalen. De datajournalisten van Pointer schreven daar een lezenswaardig artikel over. Die optie maakt nu onderdeel uit van het pakket aan voorstellen.

Nu de volgende stappen

De uitgeklede aanpak leidt nu weliswaar tot het oplossen van knelpunten bij enkele waterschappen, maar nog niet tot een beter en eerlijker belastingsysteem. De OESO heeft daar al in 2014 aanbevelingen voor gedaan, en Water Natuurlijk vindt dat de wetgever die in een integrale herziening van het waterschapsbelastingstelsel moet toepassen. Het gaat onder meer om het principe ‘de vervuiler betaalt’ en de mogelijkheid om goed gedrag te belonen. Zo betaalt een tweepersoonshuishouden nu voor drie zgn. vervuilingseenheden mee aan de rioolwaterzuivering, maar een huishouden van zes betaalt hetzelfde. Dat vindt Water Natuurlijk niet alleen niet eerlijk, maar ook geen stimulans om minder van ons kostbare water door de wc te spoelen.
Ook vindt Water Natuurlijk dat de belastingcategorie ‘natuur’ vrijgesteld moet worden: natuur is een collectief goed dat voor iederéén van essentieel belang is. Bij de volgende stap mag ook niet, zoals nu is gebeurd, op voorhand worden bepaald dat de lasten per categorie niet of nauwelijks mogen veranderen: zo’n voorwaarde maakt immers een eerlijker systeem op voorhand onmogelijk.

Water Natuurlijk rekent erop dat deze onderwerpen het komende jaar met eenzelfde voortvarendheid en een even zorgvuldig proces worden opgepakt, en blijft daarin graag een constructieve en kritische inbreng leveren.

VRIEND WORDEN!

Normen voor plastic afval in de rivier?

16 november 2020

Net als bij andere typen vervuiling moeten er grens- en streefwaardes komen om te bepalen hoe zwaar een rivier vervuild is met plastic. Dat stellen onderzoekers van Wageningen University & Research (WUR) in een artikel over plastic afval in de rivieren.

Via rivieren verdwijnt veel plastic afval de zee in. Maar er blijft ook veel plastic afval hangen in het riviersysteem, in rivierafzettingen en op rivieroevers. Dat heeft negatieve gevolgen voor natuur en economie.

Samen met zijn team analyseerde Van Emmerik de data die vrijwilligers van het project Schone Rivieren de afgelopen twee jaar verzamelden. Op meer dan tweehonderd plekken langs vooral de oevers van de Maas en de Rijn onderzochten die 152.415 stuks afval, waarvan het merendeel plastics.

Zo blijkt dat het grootste deel van het afval bestaat uit kleine stukjes plastic, wat erop duidt dat het afval al langer rondzwerft en langzaam afbreekt tot kleinere delen.

Het meeste afval komt voor in de Belgische Maas en de Duitse Rijnoevers, maar ook in Nederland in de Biesbosch. Mogelijk komt dat door de combinatie van de getijden en een natuurgebied, waardoor het plastic blijft hangen.

Dit is de eerste keer dat het plastic afval in de rivieren systematisch in beeld werd gebracht. Maar tot dusverre ontbreekt nog steeds een monitoringsprogramma, en er zijn er ook geen normen voor. Daardoor wijst iedereen naar elkaar, en ontbreekt het aan actie.

De onderzoekers bepleiten een goede monitoring en dat er grens- en streefwaarden worden vastgesteld.

 

Verdroging nu voortvarend aanpakken


Op 13 november organiseerde Water Natuurlijk een succesvol webinar over de aanpak van verdroging. Niet alleen de aanpak van de verdroging van natuurgebieden is een grote opgave voor de waterschappen. De droogte vormt ook steeds meer een probleem voor de landbouw. Daarnaast zorgt droogte ook voor steeds meer funderingsschade en verzakking van bebouwing, niet alleen in de veenweidegebieden maar ook daarbuiten. Nog langer talmen is geen optie meer. Dat zien alle partijen nu. Water Natuurlijk is blij met dit steeds bredere draagvlak voor het beter vasthouden van water.

Ecohydroloog Flip Witte ging in op de verdrogingsproblemen, maar vooral ook op de oplossingen. Waterschappen kunnen er op korte termijn al voor zorgen dat de (te snelle) afwatering van landbouwgebieden niet meer is toegespitst op de 5 procent allernatste percelen. Ook kunnen ze bufferzones met een hogere grondwaterstand instellen rondom natuurgebieden.

Nieuwe bosaanplant zou bij voorkeur niet op de hoge zandgronden als de Veluwe moeten komen, maar in de lagere zones daaromheen. Dat voorkomt extra verdroging op de hogere delen, en bovendien groeien de nieuwe bossen hier veel sneller.

Maar uiteindelijk is voor een structurele aanpak van verdroging ook een transitie in de landbouw nodig. Dat kan alleen in samenwerking tussen alle overheden, de landbouw en andere belangen.

Ruud Pleune, Marc Laeven en Astrid Meier zijn de fractievoorzitters van Water Natuurlijk in de waterschappen Rijn en IJssel, Rivierenland en Vallei en Veluwe. Ze lieten een aantal mooie voorbeelden zien van gebieden waar water met succes langer wordt vastgehouden, zoals op landgoed Het Lankheet bij Haaksbergen en langs de Leuvenumsebeek op de Veluwe. Maar er lopen ook nog veel acties, en er liggen nog forse opgaven die de waterschappen nog moeten oppakken.

Begin 2021 organiseert Water Natuurlijk een vervolgbijeenkomst over de aanpak van de verdroging!

12345678910111213141516