Meer inzicht nodig in lokale aanpak van droogte

25 juni 2021

De Algemene Rekenkamer heeft een onderzoek uitgevoerd naar de bestrijding van droogte in ons land. De rekenkamer constateert dat het landelijke Deltaprogramma Zoetwater goed is georganiseerd en effectief werkt voor de bestrijding van droogte in het hoofdwatersysteem. Waar droogte optreedt in het grondwatersysteem (de Hoge Zandgronden, stedelijk gebied), zijn ruimtelijke maatregelen zoals ander landgebruik belangrijker. De Rekenkamer ziet dat daar centrale coördinatie en inhoudelijke monitoring door de minister van IenW ontbreken. Voor een effectievere aanpak van droogte in heel Nederland is naar de mening van de Rekenkamer meer samenhang nodig tussen maatregelen voor het zoetwatersysteem en voor ruimtelijke adaptatie.
Waar droogte optreedt in het grondwatersysteem, zoals de hoge zandgronden in het zuiden en oosten van ons land en in stedelijk gebied, verloopt de bestrijding van droogte moeizamer. Maatregelen in het watersysteem hebben hier minder effect. Daarom zijn juist ruimtelijke maatregelen belangrijk, zoals een verandering van landgebruik, het creëren van natuurlijke waterbuffers en waterdoorlaatbare bestrating.
Deze ruimtelijke maatregelen zijn juist gericht op het vasthouden van water. Ze blijken vaak lastig uit te voeren omdat medewerking van verschillende partijen nodig is, publiek en privaat, waarbij belangen sterk uiteen kunnen lopen. Droogte kan bijvoorbeeld worden bestreden door het aanleggen van natuurlijke waterbuffers en waterdoorlaatbare bestrating, maar ook door landgebruik te veranderen en bijvoorbeeld landbouw of drinkwateronttrekking te verplaatsen. Ook de financiering van ruimtelijke maatregelen is lastig rond te krijgen omdat deze afhankelijk is van de cofinanciering van verschillende partijen.
Regio’s ontwikkelen weliswaar plannen voor aanpassing aan klimaatverandering, maar de minister van IenW beoordeelt deze plannen niet inhoudelijk. De minister houdt niet bij of de plannen ook maatregelen tegen droogte bevatten en of er knelpunten zijn in de uitvoering. Daarom beveelt de Algemene Rekenkamer de minister van IenW aan om samen met de ministers van BZK en LNV meer inzicht te krijgen in de ruimtelijke maatregelen die decentrale overheden nemen tegen droogte en ondersteuning aan te bieden als dat nodig is.

Download de microbeads app


De Plastic Soup Foundation heeft de Beat the Microbead app volledig vernieuwd. Deze app is de snelste manier om te leren of uw cosmetica en persoonlijke verzorgingsproducten plastic ingrediënten bevatten. Hier kun je de app downloaden.
Microbeads zijn een soort microplastic met een specifieke functie voor scrubben of exfoliëren. In cosmetica verwijst “microplastic” naar alle soorten kleine plastic deeltjes (kleiner dan 5 mm) die opzettelijk worden toegevoegd aan cosmetica en persoonlijke verzorgingsproducten. Ze worden vaak gebruikt als emulgatoren of als goedkoop vulmiddel.
Deze microplastics, nauwelijks zichtbaar voor het blote oog, stromen rechtstreeks van de badkamerafvoer naar het riool. Afvalwaterzuiveringsinstallaties zijn niet ontworpen om ze uit te filteren. Zo dragen microplastics bij aan de ‘Plastic Soup’ die in onze oceanen.
Zeedieren absorberen of eten microplastics; deze deeltjes kunnen vervolgens langs de mariene voedselketen worden doorgegeven. Omdat mensen uiteindelijk aan de top van deze voedselketen staan, is het waarschijnlijk dat we ook microplastics binnenkrijgen. Microplastics zijn niet biologisch afbreekbaar en zodra ze in het (mariene) milieu terechtkomen, zijn ze bijna niet meer te verwijderen.

Vergroen je tuin of balkon!


Het klimaat verandert. Het weer wordt minder stabiel. Soms gaat het hard regenen en dan is het weer voor langere tijd droog. Heftige regenbuien leiden tot wateroverlast. Door je tuin minder te verharden word je tuin comfortabeler en komen er meer vogels en vlinders. Fijn voor jezelf, goed voor het klimaat. HuisjeBoompjeBeter geeft tips.
Een groene zachte bodem neemt regenwater op. Dit ontlast het riool en voorkomt wateroverlast.
Door het ontbreken van groen in stedelijk gebied is het op hete dagen wel 8° warmer. Planten houden je tuin koel en aangenaam.
Door meer groen help je vogels, bijen en vlinders en wordt je tuin een levende tuin.

Gemeenten hebben meer capaciteit nodig voor klimaatdaptatie

24 mei 2021

Klimaatadaptatie op de kaart zetten en verankeren in beleid en praktijk is voor veel gemeenten een lastige opgave. De wil is er, maar het ontbreekt aan tijd en middelen. Dat blijkt uit de evaluatie van het VNG-programma dat 35 gemeenten een steuntje in de rug gaf bij het opzetten van klimaatadaptatiebeleid.
De behoefte aan ondersteuning het hoogst is bij kleinere gemeenten (20.000-40.000 inwoners). In het fysiek domein spelen verschillende grote opgaven die met elkaar samenhangen. Maar regelmatig ontbreken de tijd en het overzicht om deze opgaven gestructureerd en efficiënt aan te pakken. Daarom biedt de VNG hulp vanuit het Ondersteuningsprogramma klimaatadaptatie.

Stedelijk waterbeheer onder de Omgevingswet


De Omgevingswet heeft invloed op de manier waarop partijen samenwerken aan stedelijk waterbeheer. Wat verandert er, en wat blijft hetzelfde? De antwoorden op die vragen staan in de Handreiking Stedelijk Waterbeheer onder de Omgevingswet, verschenen in april 2021.
Veel overheden werken aan omgevingsvisies en omgevingsplannen die vooruitlopen op de nieuwe Omgevingswet. De nieuwe wet biedt ruimte voor maatwerk, bijvoorbeeld op het gebied van klimaatadaptatie. Acties en maatregelen die te maken hebben met klimaatadaptatie kunnen worden vastgelegd in een gemeentelijk rioleringsprogramma. Zo’n plan is niet verplicht, in tegenstelling tot het huidige gemeentelijk rioleringsplan (GRP). De opstellers van de handreiking raden overheden aan om de omgevingsvisie niet alleen uit te werken in een omgevingsplan, maar ook in een gemeentelijk rioleringsprogramma.
De handreiking is hier te downloaden.

Waterschappen: geef extra impuls aan energietransitie!


Waterschappen zijn al druk bezig met de energietransitie. Ze kijken bijvoorbeeld of de warmte in het rioolwater nuttig kan worden gebruikt, en of waterschapsterreinen geschikte locaties zijn voor windturbines. Maar waterschappen kunnen nog een veel actiever rol vervullen in het proces van de energietransitie. Vooral provincies en gemeenten trekken nu de zogeheten Regionale Energiestrategieën (RES-en). Waterschappen hebben hierin met hun kennis en ervaring met gebiedsprocessen nog veel meer te bieden.
Op 28 juni 2019 publiceerde het kabinet het Klimaatakkoord: de Nederlandse uitwerking van de internationale klimaatafspraken van Parijs (2015). We gaan met elkaar de CO2-uitstoot sterk verminderen: in 2030 met de helft ten opzichte van 1990. Eén van de afspraken is dat 30 energieregio’s in Nederland onderzoeken waar en hoe het best duurzame elektriciteit op land (wind en zon) opgewekt kan worden. Maar ook welke warmtebronnen te gebruiken zijn zodat wijken en gebouwen van het aardgas af kunnen. Waar is ruimte en hoeveel? Zijn de plekken maatschappelijk gezien acceptabel en financieel haalbaar? In een Regionale Energiestrategie (RES) beschrijft elke energieregio zijn eigen keuzes.  Die keuzes hebben invloed op onze leefomgeving. Waar passen de ideeën voor zonne- en windenergie in de ruimte? Past het op het energienet? En zijn de plekken maatschappelijk gezien acceptabel en financieel haalbaar? Het vraagt een zorgvuldige afweging en die maken de regio’s samen met maatschappelijke partijen, ondernemers en inwoners.
Tot aan de concept-RES waren in veel regio’s vooral ‘professionele’ organisaties betrokken bij de RES. De nadruk lag op het verzamelen van feiten en het zoeken naar locaties waar de opwek van duurzame energie mogelijk kan zijn: de ‘zoekgebieden’. Daarover vindt nu in veel regio’s intensiever het gesprek plaats met de omgeving. Het is belangrijk dat overheden en inwoners  zo vroeg mogelijk met elkaar in gesprek zijn. Ook met mensen die soms minder snel hun stem laten horen.

De RES-regio’s in het gebied van de waterschappen Rivierenland, rijn en IJssel en Vallei en Veluwe zijn:

Regio Achterhoek
Aalten, Berkelland, Bronckhorst, Doetinchem, Montferland, Oost Gelre, Oude IJsselstreek, Winterswijk

Regio Alblasserwaard
Gorinchem, Molenlanden

Regio Arnhem Nijmegen
Arnhem, Berg en Dal, Beuningen, Doesburg, Druten, Duiven, Heumen, Lingewaard, Nijmegen, Overbetuwe, Renkum, Rheden, Rozendaal, Westervoort, Wijchen, Zevenaar

Regio Amersfoort
Amersfoort, Baarn, Bunschoten, Eemnes, Leusden, Soest, Woudenberg

Regio Drechtsteden
Alblasserdam, Dordrecht, Hardinxveld-Giessendam, Hendrik-Ido-Ambacht, Papendrecht, Sliedrecht, Zwijndrecht

Regio Foodvalley
Barneveld, Ede, Nijkerk, Renswoude, Rhenen, Scherpenzeel, Veenendaal, Wageningen

Regio Noord-Veluwe
Elburg, Ermelo, Harderwijk, Hattem, Nunspeet, Oldebroek, Putten

Regio Fruitdelta Rivierenland
Buren, Culemborg, Maasdriel, Neder-Betuwe, Tiel, West Betuwe, West Maas en Waal, Zaltbommel

Cleantech Regio
Apeldoorn, Brummen, Epe, Heerde, Lochem, Voorst, Zutphen

Inbreng Water Natuurlijk voor kabinetsformatie


Volgend jaar zijn alweer de gemeenteraadsverkiezingen. Veel afdelingen schrijven nu het verkiezingsprogramma. Graag overlegt Water Natuurlijk met de schrijvers van deze verkiezingsprogramma’s over onderwerpen als schoon en veilig water, biodiversiteit en innovatie. Interesse in een afspraak? Neem dan contact met ons op! Natuurlijk zullen wij ook binnenkort informatie naar de fracties sturen.
Ook landelijk heeft Water Natuurlijk informatie naar de informateur gestuurd.

Geachte heer Tjeenk Willink,

Het nieuwe kabinet staat voor belangrijke taken als het bestrijden van de pandemie en het herstel van de economie. Daarnaast zijn er grote opgaven in de fysieke ruimte zoals de vraag om meer woningen, aandacht voor natuur en verbetering van biodiversiteit, minder CO2 uitstoot en stikstofdepositie. Het beleid op nationaal niveau beïnvloedt de noodzakelijke speelruimte op regionaal niveau, zoals dat van de waterschappen. Daarom reikt Water Natuurlijk1 u vier speerpunten aan die belangrijk zijn voor een toekomstbestendig waterbeheer:

Integraal beleid in de regio; democratisering en belastingstelsel waterschappen
Sinds de toeslagenaffaire is er meer aandacht voor de uitvoering en uitvoerbaarheid van wetten en beleid. Waterschappen zijn bij uitstek regionale uitvoerende organisaties met een onvolledige democratische legitimiteit. De regering ondersteunt samenwerking in de regio en erkent daarbij de essentiële rol van waterschappen. In dit tijdsgewricht is een verdere democratisering van het waterschapsbestuur een logische stap door alle plaatsen/zetels verkiesbaar te stellen (en op deze manier de invloed van niet gekozen belangengroepen te verminderen). Dat bevordert ook de transparantie in het functioneren van waterschappen.
Daarnaast dient het belastingstelsel voor waterschappen meer recht te doen aan het principe “de gebruiker en de vervuiler betaalt”, gericht op een eerlijkere verdeling van de waterschapslasten en rekening houdend met ieders (positieve of negatieve) bijdrage aan schoon en gezond water.

Ruimteclaims: Landelijk beleid ruimtelijke ordening en klimaatadaptatie
De grote bouwopgave vergt uitgekiende én robuuste ruimtelijke ordening. Het watersysteem moet hierbij richtinggevend zijn, om Nederland voor te bereiden op tijden van klimaat gerelateerde droogte, meer neerslag en geleidelijke zeespiegelrijzing/stijging.
Daarnaast laat de coronaperiode zien hoezeer mensen behoefte hebben aan groene ruimte. Ook natuur moet onderdeel zijn van toekomstbestendig ruimtelijk beleid waarbij water het ordenend principe is. Tevens is beleid nodig om klimaat adaptief bouwen vanzelfsprekend te maken.

Voldoende water voor landbouw en natuur: Kaders voor peilbesluiten en beregening
In droge periodes verdrogen gewassen, sterven bomen en wordt (grond)water schaars. De vanzelfsprekendheid van voldoende schoon (drink)water is verleden tijd. Nederland is ingericht op waterafvoer en veel natuur lijdt onder te lage (grond)waterpeilen. Dit vereist een omgekeerd Deltaplan: herinrichting van de watersystemen op lokaal en regionaal niveau, gericht op water vasthouden en zo nodig aanpassing van het grondgebruik.

Schoon water voor mens, plant en dier: Bestaand waterkwaliteitsbeleid sneller uitvoeren
Nederland heeft zich verbonden aan het halen van de doelen van de Europese Kaderrichtlijn Water in 2027. In het huidige tempo lukt dat niet. Klimaatverandering maakt het halen van die doelen nog moeilijker: er is steeds minder water beschikbaar, het wordt vuiler en de behoefte aan schoon water wordt groter. Uitvoering van die Kaderrichtlijn zorgt voor een gezonde bodem en biodivers water. Verleng daarom de werkingsduur van de Kaderrichtlijn Water. Ook bij het terugdringen van de nitraatbelasting moet de urgentie omhoog. Schaf ook ter versterking van een circulaire economie de wettelijke belemmeringen af die hergebruik van grondstoffen uit afvalwater en zuiveringsslib beperken.

Met vriendelijke groet
Water Natuurlijk
Peter Snoeren

Verdroging en waterkwaliteit laten meeliften met stikstofaanpak

26 januari 2021

De natuur op de Veluwe ervaart weinig voordeel bij het zomaar opkopen van landbouwbedrijven door de provincie. Dat blijkt uit onderzoek naar stikstofmaatregelen van Wageningen University en Research. Daaruit blijkt ook dat stikstofmaatregelen het meeste effect hebben op plekken waar het natuurprobleem het grootst is. De provincie Gelderland is van mening dat niet de uitstoot, maar de totale neerslag van stikstof moet bepalen welke bedrijven worden uitgekocht.

Te veel stikstofneerslag is één van de redenen waarom het slecht gaat met de natuur. Om de stikstofuitstoot te verminderen heeft het Rijk bijna 3 miljard euro beschikbaar gesteld voor natuurherstel- en versterking en circa 2 miljard euro voor (bron)maatregelen om de stikstofuitstoot van landbouw, verkeer, bouw en industrie te verminderen.

Het onderzoek heeft gekeken naar één maatregel: gerichte opkoop van piekbelastende veehouderijbedrijven.
Voor de selectie van piekbelasters zijn drie strategieën doorgerekend:

Referentie: Selectie van de bedrijven met de hoogste emissie (hoogste emissie)

  1. Selectie van bedrijven die de hoogste depositiebijdrage geven op een locatie op een nabijgelegen s tikstofgevoelige Natura 2000-gebied in Gelderland (hoogste piek)
  2. Selectie van bedrijven die de grootste totale depositiebijdrage leveren op de stikstofgevoelige in Natura 2000-gebieden (grootste vracht; dit is de insteek geweest van de provincie Gelderland in de vrijwillige kalverhouderij regeling van de provincie).
  3. Selectie van bedrijven die relatief de grootste bijdrage leveren aan het verminderen van overschrijding van de kritische depositiewaarde (maximaal doelbereik; dit is de doelstelling van het Rijk, 50% van de stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden onder de kritische depositiewaarde in 2030).

De berekeningen laten zien dat strategie 2, waarbij de reductie van de totale vracht aan ammoniakdepositie bij een gewenste emissiereductie maximaal is, tevens de grootste gemiddelde depositiereductie oplevert waarbij het kleinste aantal bedrijven moet opgekocht worden. Per ton ammoniakemissie die wordt opgekocht is deze strategie ook meest effectief. Verder geeft strategie 2 ook aan dat met het opkopen van 25 tot 75 bedrijven, vooral gelegen ten westen van de Veluwe, al een veel hogere stikstofdepositiereductie bereikt wordt in vergelijking met hetgeen het Rijk beoogde met het landelijk opkopen van 200 bedrijven.

Water Natuurlijk vindt dat niet alleen het terugdringen van de stikstofdepositie op de natuur belangrijk is. Het verbeteren van de waterkwaliteit en het beperken van de verdroging zouden zo goed mogelijk moeten meeliften met deze opkoopregeling. In de optie die de voorkeur van de provincie heeft, zouden vooral landbouwbedrijven aan de westkant van de Veluwe uitgekocht moeten worden. Dat biedt kansen om in dit oostelijk deel van de Gelderse Vallei tegelijkertijd de waterkwaliteit te verbeteren en het water langer vast te houden. Maar ook bij die optie blijft het van belang om te werken aan de luchtkwaliteit, de waterkwaliteit en het tegengaan van verdroging in met name het zuidelijk deel van de IJsselvallei en het gebied rond Winterswijk.

Indicatieve ligging van piekbelasters voor 3 strategieën
Bron: Wageningen Research

Minister Van Nieuwenhuizen traineert democratisering waterschappen


Waterschapspartij Water Natuurlijk is een groot voorstander van een verdere democratisering van de waterschappen. Maar de Waterschapswet bepaalt op dit moment nog dat in ieder waterschap tenminste 7 en maximaal 9 van de 30 zetels zijn gereserveerd voor de zogeheten ‘geborgde categorieën’. Deze zetels worden niet democratisch gekozen, maar aangewezen door belangengroeperingen (bedrijven, landbouw, natuur). De kiezer heeft hierdoor een beperktere invloed op de samenstelling van het algemeen bestuur. Overigens gaan de waterschappen niet zelf over afschaffing van de geborgde zetels; dat is aan de Tweede Kamer.

We vinden het aanwijzen van zetels, buiten democratische verkiezingen om, gewoon niet meer van deze tijd. We bevinden ons met die opvatting gelukkig in goed gezelschap. Ook de Commissie Boelhouwer vindt dat. Deze commissie oordeelde dat de gekozen vertegenwoordigers van de (politieke) partijen in de waterschappen zijn uitstekend in staat om in de bestuurlijke discussies alle specifieke belangen in hun afwegingen een plaats te geven.

Eind juni is door Laura Bromet, Tweede Kamerlid voor GroenLinks, een initatiefwet ingediend om te zorgen dat die afschaffing nog voor de verkiezingen in 2023 een feit is.

Minister Van Nieuwenhuizen van Infrastructuur en Water stelde de commissie Boelhouwer zelf in. Maar helaas durfde ze niet door te pakken. Ze vroeg aan het Overlegorgaan Fysieke Leefomgeving (OFL) om alle standpunten nog weer eens in beeld te brengen. Helaas leende deze club zich voor haar uitstelstrategie. Onlangs is hun rapport met de al zeer lang bekende standpunten uitgekomen.

Fijntjes wijst het OFL erop dat het nu te laat is om de wet nog op tijd voor de volgende waterschapsverkiezingen te veranderen. We zitten dus waarschijnlijk nog tot in ieder geval de waterschapsverkiezingen van 2027 vast aan dit verouderde en ondemocratische systeem

Herstel de natuurlijke overstromingsvlakten!

19 januari 2021

Natte overstromingsvlakten vormen een belangrijk onderdeel van natuurlijke riviersystemen, maar ondanks rivierherstel ontbreken ze nog vrijwel geheel in Nederland. In de uiterwaarden van de Rijntakken liggen lokaal goede kansen om deze ‘missing link’ te herstellen. Dat blijkt uit onderzoek in opdracht van het kennisnetwerk Ontwikkeling en Beheer Natuurkwaliteit (O+BN), waarin onder meer het ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Voedselkwaliteit (LNV) en 12 provincies participeren.

De oorspronkelijke situatie, waarin de grootschalige komgebieden in het rivierengebied functioneerden als tijdelijke natte overstromingsvlakten, kan vrijwel nergens meer worden hersteld. Er zijn echter wel mogelijkheden om uiterwaarden in het rivierengebied zodanig in te richten en het waterpeil te beheren, dat ze in ecologisch opzicht functioneren als een tijdelijke overstromingsvlakte. Het gaat daarbij vooral om uiterwaarden waar (hoog)water gecontroleerd via een inlaatwerk (sluis in zomerkade of oeverwal) kan worden in- en uitgelaten.

Nu de uiterwaarden meer en meer een natuurstatus krijgen, biedt dat kansen om het waterbeheer juist af te stemmen op het vasthouden van water in plaats van het voorkomen van inundatie en het zo snel mogelijk afvoeren van water. De zomerkaden die ooit aangelegd zijn om het water zo lang mogelijk uit de uiterwaarden te weren, bieden nu juist kansen om het water in de uiterwaarden in te vangen en langer vast te houden. Daarmee kan het waterpeil zodanig beheerd worden dat de uiterwaarden ecologisch functioneren als een periodieke overstromingsvlakte. Het gaat daarbij vooral om uiterwaarden waar (hoog)water gecontroleerd via een inlaatwerk (sluis in zomerkade of oeverwal) kan worden in- en uitgelaten.

Om duurzame populaties van onder meer broedvogels te kunnen herbergen is het belangrijk dat de overstromingsvlakten groot genoeg zijn of dat meerdere kleinere overstromingsvlakten bijeen liggen. De selectie van de meest kansrijke locaties langs de Rijntakken is op één kaart afgebeeld, waarbij onderscheid is gemaakt in gebieden die op korte termijn te realiseren zijn omdat ze binnen het Natuurnetwerk liggen en in gebieden waarop voor de langere termijn kan worden ingezet. Hieruit komen drie clusters van gebieden naar voren: Gelderse Poort en Beneden-Waal, de IJssel tussen Zutphen en Zwolle en het Zwarte Water in de delta van de IJssel en de Vecht. Ook de Bovenste Polder bij Wageningen is een kansrijk gebied.

Water Natuurlijk vindt dat deze uiterwaarden nu snel een natuurlijker karakter kunnen krijgen, zeker als ze al onderdeel uitmaken van het Natuurnetwerk.

Overzicht van kansrijke gebieden voor tijdelijke overstromingsvlakten langs de Rijntakken. Binnen het huidige natuurnetwerk Nederland (NNN) zijn er 3 clusters te onderscheiden: Gelderse Poort, Beneden-Waal en het Zwarte Water. Ook de Bovenste Polder bij Wageningen is een kansrijk gebied.

 

12345678910111213141516171819202122232425262728293031