Mét de agrariërs waterdoelen bereiken

Mét de agrariërs waterdoelen bereiken
Water Natuurlijk kiest ondubbelzinnig voor landbouw mét de natuur en voor natuur mét de landbouw. Vroeger was het waterbeheer vooral afgestemd op de landbouweisen. Tegenwoordig is onze verantwoordelijkheid breder. Nu heeft peilbeheer voor de landbouw vaak verdroging van natuur tot gevolg. Door nieuwe gewassen te telen en innovaties in de bedrijfsvoering toe te passen, is de verdroging te verminderen.

Wij willen graag met de agrariërs in ons gebied samenwerken. We willen dat het waterschap regionale agrarische samenwerkingsverbanden nog meer gaat stimuleren en deze gaat inzetten om waterdoelen te bereiken. Dit willen we bijvoorbeeld doen via het Deltaplan Agrarisch Waterbeheer en met Europees geld van het Gemeenschappelijk Landbouw Beleid.

Minister wil duurzaam bodembeheer in 2030…
Uiterlijk in 2030 moeten alle Nederlandse landbouwgronden duurzaam worden beheerd. Dat schrijft minister Carola Schouten van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit in een brief aan de Tweede Kamer.

Nog dit jaar stelt de minister 6 miljoen euro beschikbaar voor projecten die bijdragen aan duurzaam bodembeheer. Dat levert de landbouw een betere bodemvruchtbaarheid op, de samenleving duurzamer geteelde gewassen als basis voor duurzamer voedsel, een betere waterkwaliteit en grotere waterbuffering en een grotere biodiversiteit. Ook kan het bijdragen aan de klimaatopgave.

De minister wil ook maatregelen steunen uit het Deltaplan Agrarisch Waterbeheer (DAW) die tot een betere waterkwaliteit leiden. Ook wil ze bodemdaling in veenweidegebieden tegengaan. Oxidatie van de onderliggende veenlagen zorgt voor uitstoot van broeikasgassen. De bodemdaling veroorzaakt verzakking van huizen en wegen.

… maar pakt biologische boeren keihard aan
Nederland mag veel meer dierlijke mest uitrijden dan andere EU-landen (de zogeheten mestderogatie). Toch werd het fosfaatplafond, een maatstaf voor de hoeveelheid mest, overschreden. Dat was tegen de afspraken met de EU.

Om de derogatie voor de intensieve melkveehouderij in Nederland te redden, kwam de vorige minister kwam in 2017 met een éénmalige krimp van het bestaande aantal koeien, het zogeheten ‘fosfaatreductieplan’. Ook trad op 1 januari 2018 de Fosfaatwet in werking. Dat betekent dat elke melkveehouder terug moet naar het aantal koeien dat hij op de peildatum van 2 juli 2015 op zijn bedrijf had staan.

Biologische koeienboeren maken geen gebruik van de derogatie omdat ze moeten voldoen aan strenge eisen. Ze hebben minder koeien per hectare en ze zijn grondgebonden. Bioboeren werken duurzaam; de biologische sector heeft eerder een tekort aan mest dan een overschot.

Omdat biologische landbouw en veeteelt een groeisector is, hadden veel bioboeren vóór de peildatum van 2 juli 2015 tegen hoge bedragen en met geleend geld extra grond aangeschaft en stallen laten bouwen. Door de Fosfaatwet de dreigt nu een kwart tot een derde van de bioboeren failliet te gaan of te moeten stoppen.

De EU-commissie Milieu liet vanuit Brussel schriftelijk aan SOS bioboeren weten voorstander te zijn om biologische melkveehouders uit te zonderen van de fosfaatwet, omdat de biologische bedrijfsvoering milieuvriendelijk is en niet debet is aan mestoverschot en mestfraude. Toch pakt de minister de biologische melkveehouders keihard aan.

Teken petitie biologische melkveehouders
Je kunt hier een petitie tekenen van SOS Bioboeren voor vrijstelling van biologische melkveehouders van het fosfaatrechtenstelsel.

Toon alle berichten in deze rubriek