Ecologisch bermbeheer is goedkoper

Afgelopen zomer stelde de fractie Natuurterreinen vragen aan het college van dijkgraaf en heemraden over het storten van slootvuil op een ecologisch beheerde berm langs de 2e Kruisweg bij ’s-Gravendeel. Inmiddels zijn de antwoorden binnen. Uit deze antwoorden kan worden geconcludeerd dat ecologisch beheer beter is voor de biodiversiteit en ook goedkoper omdat er veel minder hoeft te worden gemaaid.

Het ging bij de 2e Kruisweg mis, omdat normaal gesproken slootvuil en maaisel van de ecologische berm in dezelfde werkgang worden afgevoerd. Echter, de berm is zodanig verschraald dat één maaibeurt voldoende is. Een tweede beurt is achterwege gelaten omdat dat nadelig is voor de biodiversiteit. Er hadden extra maatregelen genomen moet worden om het slootvuil apart af te voeren. Dat is verzuimd, maar in de toekomst wordt dat beter, hopen we.

Voor een beheer gericht op biodiversiteit is het afvoeren van maaisel noodzakelijk. Dat is op zich duurder dan klepelen en het maaisel in de berm achterlaten. Echter, bij het reguliere beheer zijn gemiddeld 3 maaibeurten nodig en door minder te maaien worden de extra kosten van ecologisch beheer ruimschoots gecompenseerd.

Een waterschap dat op de centen past,  schakelt dus over naar ecologisch beheer.

Joost Kievit MSc

Zie ook bericht 2 augustus 2019

Ecologisch bermbeheer in relatie tot onderhoud watergangen

De bermen van de 2e Kruisweg bij ’s-Gravendeel worden door het waterschap al een aantal jaren ecologisch beheerd. Er zijn ook al duidelijke resultaten. De berm ziet er kleurrijk uit en er is een mooie variatie aan plantensoorten, zoals rolklaver, wilde cichorei, duizendblad, margriet etc. Ook voor het insectenleven is dit een aanwinst. Na het maaien wordt het maaisel afgevoerd. Een goed beheer in onze ogen. Echter bij het onderhoud van de wegsloot wordt maaisel en slootvuil alsnog op de ecologisch beheerde berm gedeponeerd. Zo wordt het beleid voor het bermbeheer teniet gedaan door de uitvoering van het beleid voor het onderhoud van de watergang en werken onderdelen van de wshd organisatie kennelijk langs elkaar heen.

De fractie natuur heeft de afgelopen jaren bij herhaling vragen gesteld over deze kwestie. Steeds was de reactie dat dit niet de bedoeling was en soms werd het maaisel alsnog opgeruimd. Op 14 augustus 2018 antwoordde heemraad P.Robijn onder andere het volgende: ”Als bovenstaande locaties zijn geïnventariseerd kunnen deze watergangen voor de volgende keer/volgend jaar standaard worden opgenomen voor maaien en direct opruimen van het slootvuil zodat dit niet meer op de ecologisch berm terecht komt.”

Afgelopen week hebben wij gezien dat wederom slootvuil op deze ecologisch beheerde berm is gedeponeerd. Het is frustrerend te moeten constateren dat we het al jaren eens zijn dat dit ongewenst is, dat hier toezeggingen over worden gedaan en dat het kennelijk niet lukt om dit tot praktische uitvoering te brengen.

Vragen
  1. We verzoeken om opheldering hoe het kan dat slootvuil op ecologisch beheerde bermen wordt gestort?
  2. Hoe en wat wordt hierover gecommuniceerd tussen onderdelen van wshd en met aannemers?
  3. Worden dit soort misstanden niet gesignaleerd door medewerkers van wshd en vervolgens opgelost?
  4. We vragen opheldering over hoe het kan dat toezeggingen van het DB aan de VV niet tot uitvoering komen?
Antwoorden
  1. De vraag betreft het maaien van de bermen langs de Tweede Kruisweg bij ’s-Gravendeel. Afvoer van maaisel van zowel de (ecologische) berm als vanuit de watergang gebeurt normaliter in 1 x (werk met werk maken). Voor deze situatie geldt dat de bermen zodanig verschraald zijn dat één maaibeurt voor de berm voldoende bleek. Twee keer maaien heeft een negatief effect op de ecologie. Deze maaibeurt (en daarmee ook de afvoer van het maaisel) vindt plaats in het najaar. Er is verzuimd extra actie te ondernemen om wel het maaisel vanuit de watergang af te voeren. Bij de evaluatie van de uitvoering van de maaibestekken wordt dit meegenomen om te komen tot maatwerk.
  2. Periodiek is de directievoerder op het bestek in gesprek met de aannemer. Hier worden afspraken gemaakt over de uit te voeren werkzaamheden. Het regulier werk is beschreven in het contract. Eventuele wijzigingen worden bijgesteld.
  3. De toezichthouders op de maaibestekken controleren de aannemers en sturen daar waar nodig bij. Wij zijn van mening dat het hier geen misstand betreft. Het vraagt wel aandacht voor de toekomst.
  4. Toezeggingen van de VV worden nageleefd. Tijdens de uitvoering kan het soms wel eens anders gaan dan afgesproken. Gezien de omvang van de werkzaamheden is het helaas onoverkomelijk dat het soms anders gaat.
Toon alle berichten in deze rubriek