Kadernota 2020 opmaat voor financiële ruimte Waterschap

In juli heeft het Algemeen Bestuur (AB) van het Waterschap de financiële kaders voor de begroting 2020 en verder besproken en aangegeven in welke richting het AB denkt dat het moderne waterbeheer ook financieel vertaald moet worden. Bij de formatie van de coalitie is het onderwerp financiën tegen onze zin niet echt uitgediept en doorverwezen naar de discussie in het AB over de financiële kaders 2020 en verder.
Op zich maakt de fractie Water Natuurlijk zich zorgen over het financiële kader zoals dat er nu anno 2019 ligt. Voor de bestaande beleidskaders zijn onvoldoende middelen aanwezig vanuit de belastingopbrengsten. Daarbovenop denkt de fractie dat nieuwe beleidskaders aanvullende financiële middelen noodzakelijk maken. We denken bij dit laatste aan bijvoorbeeld de eigen bijdrage van het Waterschap bij de hoogwaterbeschermingsmaatregelen, de aanpassing aan de klimaatverandering die zich in snel tempo lijkt te voltrekken, en de omvorming van de landbouw naar een meer circulaire, duurzame vorm van landschapsbeheer. Dit alles mag nadrukkelijk niet ten koste gaan van de inzet in beekherstel, beekdalbrede hermeandering en realisatie Kader Richtlijn Water (KRW) maatregelen.
Dit alles betekent dat in de ogen van onze fractie een gedegen analyse en kaderstelling m.b.t. financieel beleid belangrijk is. Modern financieel beleid is dan meer dan uitgaven en inkomsten, maar raakt ook de waardering van het vastgoed, de ontwikkeling van het schuldenquotum (uitstaande schuld gedeeld door belastingopbrengst), de solvabiliteit en andere financiële parameters. Ook denken we dat nu de tijd er is om echt lange termijn kaders (meer dan vier jaar) te ontwikkelen. Om dit vorm te geven heeft het AB een werkgroep ingesteld die samen met de afdeling financiën en het Dagelijks bestuur (DB) kaders t.b.v. de begroting 2020 en verder moet opstellen. Op basis van deze voorstellen zal ook duidelijk worden in welke mate belastingverhoging onafwendbaar is. We behoren nu tot een van de waterschappen met de laagste waterschapslasten en dat zal alleen meer verder uit elkaar groeien aangezien veel waterschappen met de materie worstelen.

Door andere fracties wordt wel gesteld dat niet de inhoud doch het financiële kader leidend moet zijn. Wij zijn het daar hartgrondig mee oneens. Verder zijn er ook andere fracties die stellen dat de ambities van het waterschap te hoog zijn. Wij hebben daar tegenover gesteld dat het niet de ambities zijn die te hoog zijn maar dat de extra taken geen gelijke trend hebben gekend met de toename van de financiële ruimte. Denk daarbij bijvoorbeeld aan de hoogwaterbeschermingsmaatregelen, de aanpak van lange droogteperiodes, en extreem hoge temperaturen waar we mee geconfronteerd worden.

De ambities zouden wat ons betreft best wel wat hoger mogen zijn als het bijvoorbeeld gaat om het eindelijk realiseren van noodzakelijke KRW maatregelen, al moeten wij ook erkennen dat de huidige aanpak van “one fits all” niet uitnodigt voor maatwerk en kosten effectiviteit. Het heeft uiteindelijk toch geen zin als niet alle verontreinigingen binnen het KRW-kader komen. Wij hebben gepleit voor een prioritering m.b.t. KRW maatregelen waarbij de schadelijkheid van de chemische stof en de mate van overschrijding bepalend zijn voor de noodzaak om te investeren in een aanpak. Daarmee is ook goed uit te leggen welke maatregelen noodzakelijk zijn richting 2027.

Tot slot hebben we gepleit voor meer ruimte voor innovatie. Niet voor niets zit dit in de portefeuille van alle DB-leden. In de kadernota is daar echter maar bar weinig van terug te vinden. Wij willen in het najaar van alle portefeuillehouders horen hoe zij invulling denken te geven aan dit onderdeel van hun portefeuille.

Tot zo ver de eerste discussie m.b.t. de financiële kaders voor het waterschap. Nu gaat de werkgroep aan het werk en in november wordt de discussie voortgezet.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Toon alle berichten in deze rubriek